Inleiding

Terug naar navigatie - Inleiding - Inleiding

 

Samenvatting van de financiële impact van de Kadernota 2027-2030

Op  2  juli  2026 heeft de Raad van gemeente Noardeast-Fryslân de kadernota 2027-2030 behandeld. Een kadernota waarbij de contouren van de begroting worden geduid.  De Kadernota 2027 was zonder nieuwe beleidsvoornemens opgesteld.  De gemeente heeft te maken met stijgende lasten, de bijstelling van de Rijksbijdragen uit de Meicirculaire 2026 is onvoldoende geweest om de lastenstijgingen te compenseren.  Het verwachte begrotingssaldo voor het jaar 2027  is in de Kadernota negatief, de verwachte structurele lasten worden niet alle gedekt door de structurele baten en daarmee voldoet de gemeente niet aan de eisen van financieel toezicht. Eindconclusie van de Kadernota was dat een tweede bezuinigingsronde noodzakelijk is om een sluitende begroting voor het jaar 2027  te realiseren, waarbij zowel naar de lasten wordt gekeken als naar de baten.   De beleidsvoornemens uit het coalitieakkoord 2026-2030 zijn niet verwerkt in de Kadernota (Dorpen- en wijkenfonds en Waddenambtenaar).

Begroting 2027-2030 : jaarlijkse begrotingssaldo's

Het verloop ziet er als volgt uit:

Bedragen (x 1.000) 2027 2028 2029 2030
Exploitatiesaldo Kadernota 2027-2030 -1.474 -6.699 -6.555 -4.220
Mutaties t.o.v. Kadernota -1.160 -888 -1.937 -2.087
Begroting 2027-2030 -2.634 -7.587 -8.492 -6.307

 

 

 

Uitgangspunten van de begroting

Terug naar navigatie - Inleiding - Uitgangspunten van de begroting

Uitgangspunt voor de begroting 2027-2030 is de Kadernota 2027-2030.  Na de Kadernota zijn er door interne controles en ontwikkelingen ten aanzien van bestaand beleid en taken nog diverse mutaties geweest die van invloed zijn op het begrotingssaldo de komende jaren.  Deze mutaties worden bij de verschillenverklaring hieronder toegelicht. 

De provincie heeft als toezichthouder een wettelijke plicht om gemeentelijke begrotingen te toetsen op structureel en reëel evenwicht. De toets vindt eerst plaats op het begrotingsjaar 2027 en als deze niet in evenwicht is moet aangetoond worden dat het evenwicht uiterlijk in de laatste jaarschijf van de meerjarenraming wordt hersteld. Hierbij mag geen sprake zijn van een opschuivend meerjarenperspectief waarbij in de opvolgende begrotingen alleen de laatste jaarschijf sluit. Het is dus belangrijk om het eerstvolgende begrotingsjaar structureel in evenwicht te hebben en te houden. 

De begroting 2027 is niet in evenwicht.  Het begrotingssaldo is - € 2,6 mln.  Daarom biedt het college aan de raad een pakket aan maatregelen voor 2027 aan (ter hoogte van € 3,5 mln.) die bewerkstelligt dat er een batig begrotingssaldo in 2027 ter hoogte van € 0,9 mln. kan worden gerealiseerd.

Voor het financieel beleid wordt als uitgangspunt genomen dat er ruimte voor nieuw beleid aanwezig is, met als randvoorwaarde dat er sprake is van een structureel en reëel sluitende begroting en dat daarnaast de Algemene reserve gedurende de hele begrotingsperiode aan de minimum vastgestelde randvoorwaarde moet voldoen.

Algemene technische - en  financiële uitgangspunten
De algemene technische uitgangspunten bij het opstellen van de begroting 2027 zijn: 
-    De raming van lasten en baten van bestaand beleid vindt plaats op basis van analyses en niet uitsluitend op basis van inflatie indexering.  
-    De raming van gemeentelijke bijdragen aan externe instanties vindt plaats op basis van de meest recente begrotingen van deze partijen.
-    Voor de meerjarenbegroting wordt geraamd op basis van constante prijzen.
-    Structurele lasten worden gedekt door structurele baten en incidentele baten zijn voornamelijk dekkingsmiddel voor incidentele lasten.
-    De algemene reserves en de weerstandscapaciteit voldoen aan normen die zijn gebaseerd op een risicoanalyse zoals opgenomen in  de paragraaf risicobeheersing en weerstandsvermogen. 
-    De financierings- en schuldpositie en het kasstroomsaldo voldoen aan de normen van de Economische Monetaire Unie (EMU) en de Wet HOF (Wet Houdbare Overheidsfinanciën). 
-    Door middel van de in de begroting opgenomen onderhoudsplannen wordt te allen tijde ruimte gelaten voor onderhoud van kapitaalgoederen in overeenstemming met de door de raad vastgelegde kwaliteitsniveaus. 
-    Vrijvallende kapitaallasten van vervangingsinvesteringen met betrekking tot de bedrijfsvoering blijven beschikbaar voor noodzakelijke vervangingen in de bedrijfsvoering. 

De algemene financiële uitgangspunten bij het opstellen van de begroting 2027 (zoals besproken bij de behandeling van de Kadernota 2027) zijn:

-    Het streven naar een positief structureel begrotingssaldo, om jaarlijks 1 % van de gemiddelde baten te kunnen doteren aan de algemene reserve. 
-    Het streven naar een solvabiliteitsratio van 20% .
-    Het streven naar een bovengrens van de netto schuldquote van 130%. 

Bij het opstellen van de begroting wordt uitgegaan van de volgende technische parameters.

Begrotingsparameter Aan te houden waarde
Prijseffect bij interne budgetten (m.b.t. de leveringen binnen de gemeente) Geen vaste aanpassingen, maximaal volgens de Prognose van de HCPI (geharmoniseerde consumentenprijsindex) van het Centraal Planbureau  (CPB) in het Centraal Economisch Plan (CEP) van maart 2026:  1,9 %. 
Prijseffect bij externe budgetten (uitgaven) Geen vaste indexering, eveneens maximaal volgens de Prognose van het CPB  van maart 2026:  1,9 %. 
Rente % (voor interne verrekeningen: kosten kort geld, rekenrente reserves, kapitaallasten) Uitgegaan wordt van het volgens BBV-bepalingen berekende omslagpercentage. Voor 2027  is deze vastgesteld op 1,46%
Cao-loonstijgingspercentage (betreft stijging bovenop periodieke loonstijging)  In de begroting is de Gemeente CAO verwerkt (2025-2027). Voor verdere jaren is een indexatie van 4,2% gehanteerd (conform de Loonvoet van het CPB sector overheid). 
 
 
 

 

Uitgangspunten tariefbeleid 2027
In het hiernavolgende schema zijn de uitgangspunten voor de componenten van het tariefbeleid opgenomen.

(Belasting)tarieven Uitgangspunten 
Onroerendezaakbelasting (OZB) Inflatie indexatie OZB bedraagt 1,9 %  
Afvalstoffenheffing 100% kostendekkend, inclusief de component BTW–compensatie. 
Rioolrechten 100% kostendekkend, inclusief de component BTW–compensatie. 
Leges Verhoging tarieven afhankelijk van kostenniveau, berekend op basis van het model opgesteld door de Adviesgroep Nederlandse Gemeenten (ANG-model).
Forensenbelasting/ reclamebelasting  Indexatie tarieven met 1,9%.
Tarieven sportaccommodaties (binnen– en buitensport) Tarieven volgens vastgesteld beleidsplan.

 

Uitgangspunten beleidsindicatoren
De uniforme set van beleidsindicatoren is voorgeschreven in het BBV. Hierin is aan de gemeenten opgelegd gebruik te maken van een basis set van beleidsindicatoren voor de begroting en de verantwoordingsstukken. Het doel hiervan is om de resultaten van beleidsmatige inspanningen van gemeenten beter inzichtelijk te maken en te kunnen vergelijken met het landelijke gemiddelde. 

De set van beleidsindicatoren is ondergebracht bij het betreffende programma binnen de begroting. Een klein aantal beleidsindicatoren, welke betrekking hebben op de eigen organisatie, worden door gemeenten zelf ingevuld. Voor de overige beleidsindicatoren dient gebruikt te worden gemaakt van de website www.waarstaatjegemeente.nl. Ook de definities van de diverse beleidsindicatoren worden op deze website nader toegelicht. Voor wat betreft de actualiteit van de maatstaven kunnen grote verschillen bestaan. Het jaar waarover wordt gerapporteerd staat bij de betreffende indicator vermeld. 

 

Resultaat begroting

Terug naar navigatie - Inleiding - Resultaat begroting

In de financiële overzichten vindt u een overzicht van de meerjarenbegroting 2027-2030 per programma (baten en lasten), inclusief de reserve mutaties.

Het  structurele begrote resultaat over het jaar 2027  bedraagt een nadelig  saldo van afgerond € 2,6  miljoen.   

Verschillenverklaring:
Ten opzichte van de Kadernota 2027-2030  wijkt de begroting af. In de volgende tabel worden deze wijzigingen weergegeven.

Bedragen (x € 1.000) 2027 2028 2029 2030
Exploitatiesaldo Kadernota 2027-2030  -1.474 -6.699 -6.555 -4.220 
Mutaties t.o.v. Kadernota  -1.160    -888 -1.937 -2.087
Begroting 2027-2030  -2.634 -7.587 -8.492  -6.307 

 

De mutaties ten opzichte van de kadernota zijn de volgende:

Bedragen (x 1.000) 2027 2028 2029 2030 
Programma 2 en 3        
1  Hogere structurele lasten WMO (tariefstijgingen begeleiding) -500 -475 -495  -495 
2  Hogere structurele lasten Jeugdzorg (maatwerkzorg)  -500 -500 -500 -500 
3  WMO :  de inkomensafhankelijke bedrage zorg verwijderen uit de begroting 2027   -564      
4 Beschermd wonen : afbouw bijdrage van de centrumgemeente Leeuwarden -100 -200 -300 -400
Programma 4 en 5         
5 GREX - grondontwikkeling  : correctie op begrote baten -304 -304 -304 -304
Belastingen en Leges        
6 OZB (verwerken van de inflatie indexatie + 1,9 %) 365 365 365 365
Algemiene Dekkingsmiddels - Overhead & Bedrijfsvoering         
7  Bijstelling kapitaalslasten investeringen en bijstelling rentelasten 643 303 -816 -1.035
Overige verschillen / alle programma's        
8  Overige verschillen   -200 -77 113 282
Totaal mutaties -1.160  - 888 -1.937 -2.087 

 

 

Toelichting  

1.  WMO - lasten begeleiding

In de meerjarenbegroting zijn de structurele hogere lasten verwerkt als gevolg van de hogere kosten van begeleiding bij zorg.  In 2026 is de nieuwe aanbesteding geëffectueerd: met name de verhoging van de uurtarieven van de  zorgaanbieders te opzichte van voorgaande jaren zorgt voor een flinke extra last. 

2. Jeugdzorg  - maatwerkzorg 

De gemeente heeft te maken met een stijgend aantal jeugdigen die niet geholpen kunnen worden in de reguliere gecontracteerde zorg.  Voor deze groep moeten maatwerkcontracten worden opgesteld.  Dit valt duurder uit is de ervaring en verwachting vanwege de 1-op-1-begeleiding die dan vaak nodig is.  We zien een toename van het aantal jeugdigen die maatwerkcontracten nodig hebben.  We moeten constateren dat dit past in de landelijke trend van stijgende kosten van deze complexere jeugdzorg.

3.  WMO - begrotingscorrectie eigen bijdrage 

In de kadernota en primaire begroting van 2027 was nog een inkomensafhankelijke bijdrage opgenomen ten aanzien van de WMO zorg.  De rijksoverheid heeft haar beleid en wetgeving ten aanzien van inkomensafhankelijke bijdragen niet gereed voor 2027 , hetgeen betekent dat deze verwachte bate uit de gemeentebegroting dient te worden verwijderd. 

4. Beschermd wonen - afbouw jaarlijkse restitutie 

In de begroting is meerjarig een  jaarlijkse restitutie (batig effect) verwerkt die centrumgemeente Leeuwarden uitbetaald aan een aantal Friese gemeenten ten aanzien van niet benutte budgetruimte op lasten ten aanzien van beschermd wonen.  De meerjarige verwachting is dat de Rijksbijdragen voor beschermd wonen zullen dalen en dat de lasten zullen stijgen.  Deze bijstelling van de restitutie wordt in jaarlijkse stappen naar beneden bijgesteld.

5 GREX - grondontwikkeling  : correctie op begrote baten 

In de kadernota en primaire begroting van 2027 was nog een bate opgenomen ten aanzien van grondontwikkeling. Het huidig grondbeleid bepaald dat baten moeten worden verwerkt ten gunste van de bestemmingsreserve, daarom is een correctie toegepast en is de bate verwijderd uit de meerjarige staat van baten en lasten.  

6  OZB (verwerken van de inflatie indexatie + 1,9 %) 

In de begroting is de inflatie indexatie verwerkt op de verwachte onroerende zaak belasting. In deze begroting is geen extra verhoging verwerkt.  

7  Bijstelling kapitaalslasten investeringen en bijstelling rentelasten 

De kapitaallasten (afschrijvingskosten en rentelasten) zijn geactualiseerd na vaststelling van de jaarstukken 2025.  De structurele effecten zijn meegenomen in deze begroting. Er ontstaan voordelen door renteverschillen en met name ook door het doorschuiven van geplande investeringen naar latere jaren.   Het is een tijdelijk verschuivend effect, vanaf 2029 zullen de kapitaalslasten gaan stijgen. 

8. Overige verschillen

Betreffen kleine onder- en overschrijdingen en afrondingen verdeeld over alle programma's . 

Structureel begrotingssaldo

Terug naar navigatie - Inleiding - Structureel begrotingssaldo

Structureel begrotingssaldo (bedragen x € 1.000)

2027 2028 2029 2030
Lasten exclusief mutaties reserve -206.503 -208.326 -207.105 -211.951 
Baten exclusief mutaties reserve 201.180 198.722 198.613 200.238
Geraamd saldo van baten en lasten -5.323 -9.604 -8.492  -11.712
Toevoegingen reserves
-6.326  -5.428  -4.710  -5.101 
Onttrekkingen reserves 
9.015  7.445 4.710  10.506 
Geraamd resultaat
-2.634  -7.587  -8.492  -6.307 
Incidentele lasten (excl. reservestortingen)
-9.119  -8.273 -5.548 -11.349 
Incidentele baten (excl. reserveonttrekkingen) 2.556  2.379  1.668  2.067 
Incidentele toevoegingen reserves 
-1.807 -903  -183  -574 
Incidentele onttrekkingen reserves 
8.370  6.797  4.063  9.856 
Saldo van incidentele baten en lasten
0  0  0  0 
Structureel begrotingssaldo
-2.634  -7.587  -8.492  -6.307 

 

Stand van de eenmalige middelen

Terug naar navigatie - Inleiding - Stand van de eenmalige middelen

Algemene Reserve 

In  de bijlagen van de begroting is de staat van reserves en voorzieningen opgenomen met de stand per 1 januari 2026 van de Algemene reserve van €  13,7  miljoen.

Met de geraamde onttrekkingen en toevoegingen die door de raad zijn vastgesteld en de verwachte begrotingsresultaten eindigt de algemene reserve per 31 december 2027 op € 3,3 miljoen en per 31 december 2030 op €  - 19,2 miljoen. 

De besluitvorming van de raad op het pakket voorgestelde maatregelen om de begroting voor het jaar 2027 sluitend te krijgen is nog niet verwerkt in deze tabel. 

Tabel Algemene Reserve : 

Bedragen (x 1.000) 2026 2027 2028 2029 2030
Beginstand per 1-1 13.758 8.411 3.387 -4.314 -12.879
Geraamde toevoegingen 708 0 0 0 0
Toevoeging resultaat 2025 17.772  -  - -   -
Geraamde onttrekkingen -22.699 -2.390 -114 -73 0
Geraamd saldo toevoegingen / onttrekkingen -4.219 -2.390 -114 -73 0
Prognose begrotingsresultaat 2026 -1.128 - - - -
Subtotaal eindstand per 31-12 8.411 6.021  3.273  -4.387  -12.879
Prognose begrotingsresultaat - -2.634 -7.587 -8.492 -6.307
Besluitvorming begrotingsbehandeling 5 november 2026 -  -  -  -  -
Vastgesteld begrotingssaldo -

 -

 -  -  -
Prognose eindstand per 31-12 8.411 3.387 -4.314 -12.879 -19.186

 

Reserve Ontwikkelfonds
De gemeente heeft een  reserve Ontwikkelfonds waaruit ontwikkelimpulsen binnen onze gemeente kunnen worden bekostigd. In het bijlagenboek zijn alleen de daadwerkelijk door de Raad besloten onttrekkingen en toevoegingen meegenomen in de stand van de reserve. Naast de besluitvorming is bij de Ontwikkelreserve ook sprake van voornemens tot beslag op deze reserve:   Gebiedsgerichte ontwikkeling in de kuststrook, en de Noordelijke Stadsentree-Panwurk.  Voor het MFC Burdaard heeft de raad middels besluit € 3 miljoen toegewezen aan project dekking waarbij de reserve ontwikkelfonds zal worden benut.  Als gevolg van deze voornemens  en besluiten zal de ontwikkelreserve vrijwel geheel worden benut.  Er resteert een gering restsaldo van € 36 duizend.

Tabel Reserve Ontwikkelfonds

Bedragen (x 1.000) 2026 2027 2028 2029 2030
Beginstand per 1-1 11.966 11.516 11.516 11.516 11.516
Geraamde toevoegingen 0 0 0 0 0
Geraamde onttrekking motie Raad parkeren -150 - - - -
Geraamde onttrekking besluit Raad investering MFC Burdaard - CV en installaties -160 - - - -
Geraamde overige onttrekkingen -140 0 0 0 0
Subtotaal eindstand per 31-12 11.516 11.516  11.516  11.516  11.516
Door de raad toegewezen bestemmingen:          
1  MFC Burdaard - dorpshuisfunctie -1.800        
2  MFC Burdaard - sportfunctie  -1.200         
AF : door Raad vastgestelde investering - CV en installaties 160        
Reserveringen - geoormerkte posten:          
1 Noordelijke stadsentree - Panwurk parkeren  -3.990         
AF :  door Raad vastgesteld budget onderzoek parkeren 150         
2 Gebiedsgerichte ontwikkeling kuststrook   -4.650         
           
Prognose eindstand per 31-12 36 36 36 36 36