Paragrafen

Paragraaf lokale heffingen

Inleiding

Terug naar navigatie - Inleiding

Hieronder treft u een beknopte uiteenzetting aan van de omvang van het huidige pakket aan belastingen en van het beleid met betrekking tot de jaarlijks vast te stellen tarieven en de kwijtschelding van belastingen.
Ook zijn de effecten van dat beleid vertaald in de woonlastenontwikkeling voor het jaar 2025 ten opzichte van 2024.

Overzicht belastingen en heffingen

Terug naar navigatie - Overzicht belastingen en heffingen

Onroerendezaakbelastingen
De onroerendezaakbelastingen zijn de belangrijkste gemeentelijke belastingen waarvan de opbrengst tot de algemene middelen behoort en dus naar eigen inzicht kan worden besteed. De hoogte van de aanslagen is zowel afhankelijk van de waarde van een object, zoals die elk jaar wordt bepaald op basis van de Wet waardering onroerende zaken (hierna: Wet WOZ), als van de door de raad vastgestelde tarieven. 
Er wordt onderscheid gemaakt tussen tarieven voor eigenaren van woningen, eigenaren van niet-woningen en gebruikers van niet-woningen. 

Roerende woon- en bedrijfsruimteheffingen
Deze qua omvang bescheiden heffingen, zijn een tegenhanger van de onroerendezaakbelastingen. Het kenmerkende verschil is, zoals de naam van deze belastingen al doet vermoeden, dat zij zich richten op roerende zaken die bestemd zijn om duurzaam ter plaatse te blijven, zoals bedrijfsvaartuigen en woonboten. 
De hoogte van de heffing is gekoppeld aan de WOZ-waarde van die objecten. Net als de onroerendezaakbelastingen kennen ook deze belastingen drie tarieven.

Forensenbelasting
De forensenbelasting wordt geheven van een natuurlijke persoon die voor hemzelf of zijn gezin (meer dan) negentig dagen een gemeubileerde woning binnen de gemeente beschikbaar houdt (veelal een tweede woning). Bijkomende eis is, dat diegene geen hoofdverblijf houdt binnen de gemeente waar de woning is gelegen. De belasting is gekoppeld aan de hoogte van de WOZ-waarde van de woning. Dat is dezelfde waarde als wordt gebruikt voor de onroerendezaakbelastingen.

Toeristenbelasting
Met ingang van 1 januari 2021 is de toeristenbelasting ingevoerd. De toeristenbelasting is een algemene belasting en daarmee een algemeen dekkingsmiddel. 
De belasting is gebaseerd op de gedachte dat door personen die binnen de gemeentegrenzen verblijven en niet zijn ingeschreven in het BRP, maar wel gebruik maken van de (algemene) gemeentelijke voorzieningen, een bijdrage leveren aan deze algemene voorzieningen. De belasting moet dan ook worden gezien als een tegemoetkoming in de kosten van de gemeente voor de instandhouding van die voorzieningen. De belasting wordt verschuldigd voor het houden van verblijf met overnachting tegen vergoeding en wordt geheven van degene die verblijf biedt. Deze is dan op grond van regelgeving bevoegd de belasting te verhalen op de persoon of personen die verblijf houden.

Reclamebelasting
Deze belasting wordt geheven voor het doen van openbare aankondigingen (reclame-uitingen). Het tarief is een vast bedrag per jaar per vestiging. In de praktijk betalen voornamelijk de eigenaar/gebruikers van winkelruimten in het centrum van Dokkum deze belasting.  
Vanwege een overeenkomst met Stichting Ondernemersfonds Dokkum, wordt de jaarlijkse opbrengst onder aftrek van perceptiekosten (gemeentelijke kosten om deze belasting te heffen en te innen) uiteindelijk teruggegeven aan de Stichting. De gelden dienen dan te worden aangewend voor diverse promotionele activiteiten gericht op versteviging van de economische positie van de binnenstad van en haar winkelbestand.

Parkeerbelastingen
Deze belastingen worden geheven voor het parkeren van motorvoertuigen waar dat alleen tegen betaling is toegestaan. En voor de afgifte van een vergunning om op een betaalde plaats te mogen staan zonder de meter in werking te stellen. Het zogenoemde belanghebbende parkeren. 
De gemeente is vrij om de hoogte van de tarieven te bepalen. Dat geldt niet voor het tarief als niet of niet tijdig voor het parkeren is betaald. In dat geval ontvangt de houder van het kenteken een naheffingsaanslag (“parkeerbon”) waarvan de maximale hoogte wettelijk is vastgesteld. Voor het jaar 2025 is dat maximum € 78,80. 

Afvalstoffenheffing
De afvalstoffenheffing is een zogenaamde bestemmingsheffing. De opbrengst vloeit niet naar de algemene middelen, maar dient ter dekking van de kosten van afvalinzameling en –verwerking van huishoudelijke afvalstoffen. Het uitgangspunt is dat deze kosten inclusief de kosten van kwijtschelding volledig worden gedekt uit de opbrengst van de afvalstoffenheffing (100% kostendekking). In de tariefstelling wordt onderscheid gemaakt tussen een- en meerpersoonshuishoudens. Hiermee wordt invulling gegeven aan het principe “de vervuiler betaalt”.

Rioolheffing
De kosten voor het beheren en in stand houden van het rioolstelsel worden door middel van de rioolheffing verhaald op de gebruikers van woningen en niet-woningen die op dat stelsel zijn aangesloten. De gemeente heeft naast de zorgplicht voor gemeentelijk afval- en hemelwater ook de zorgplicht voor grondwater. De opbrengst van de rioolheffing, met als uitgangspunt 100% kostendekking (inclusief kosten van kwijtschelding) wordt gebruikt om de voorzieningen, die dienen voor de uitvoering van genoemde zorgplicht, te bekostigen. 

Leges
Voor elk van de belastingverordeningen waarbij sprake is van kostenverhaal, zoals de hiervoor aangehaalde verordeningen afvalstoffen- en rioolheffing, moet inzichtelijk worden gemaakt, dat de totale geraamde baten van de verordening niet uitgaan boven de totale lasten van de verordening. 
Deze opbrengstnorm ziet op de verordening in haar totaliteit, maar anders dan in bijvoorbeeld de Verordening rioolheffing of afvalstoffenheffing worden in de Legesverordening heel veel verschillende diensten van een tarief voorzien. Voorbeelden zijn paspoorten, rijbewijzen, huwelijksvoltrekkingen, omgevingsvergunningen, evenementenvergunningen en drank- en horecavergunningen. 

De diensten waarvoor leges worden geheven, zijn in de Legesverordening op samenhang geclusterd.
• Hoofdstuk 1 Algemene dienstverlening; 
• Hoofdstuk 2 Dienstverlening en besluiten in het kader van de Omgevingswet; 
• Hoofdstuk 3 Dienstverlening vallend onder de dienstenrichtlijn en niet vallend onder hoofdstuk 2

Onder hoofdstuk 1 vallen met name de legestarieven voor diensten van Burgerzaken (paspoorten, rijbewijzen en huwelijksvoltrekkingen). 
Onder hoofdstuk 2 vallen de legestarieven voor diensten die verleend worden in het kader van de Omgevingswet. 
Onder hoofdstuk 3 vallen de legestarieven voor diensten die uitsluitend verleend worden aan ondernemers zoals de vergunningen in het kader van de Alcoholwet, de evenementenvergunning en de vergunning voor seksbedrijven. 

Kruissubsidiëring
Binnen hoofdstuk 1 is kruissubsidiëring toegestaan. Zo mag bijvoorbeeld het tarief voor huwelijksvoltrekkingen meer dan kostendekkend worden vastgesteld ter compensatie van een niet kostendekkend tarief voor paspoorten.  Ook binnen hoofdstuk 2 is kruissubsidiëring toegestaan en ook tussen hoofdstuk 1 en 2. Niet kostendekkende tarieven voor de diensten die vallen onder hoofdstuk 1 mogen dus gecompenseerd worden door meer dan kostendekkende tarieven voor de omgevingsvergunning uit hoofdstuk 2. Op grond van de Europese Dienstenrichtlijn is binnen hoofdstuk 3 kruissubsidiëring niet toegestaan. Voor elk van de tarieven van die Titel geldt de norm van maximaal 100% kostendekking.

Kostendekking (ANG-model)
Met ingang van het jaar 2021 is besloten om voor hoofdstuk 1 tot en met 2 van de legesverordening de tarieven op een zodanig niveau vast te stellen dat (al dan niet met gebruikmaking van kruissubsidiering) ernaar wordt gestreefd dat 100% van de lasten wordt verhaald. Dit wordt niet voor hoofdstuk 3 toegepast omdat de effecten daarvan te veel op maatschappelijke en economische weerstand stuitten. 
Uitgangspunt voor de berekening van de lasten is het zogenoemde ANG-model. Ook voor het jaar 2025 is dat model leidend voor de in aanmerking te nemen geraamde lasten per hoofdstuk. 

Liggelden woonschepen en bedrijfsvaartuigen
Ofschoon de groep van belastingplichtigen in belangrijke mate dezelfde is als die voor de roerende woon- en bedrijfsruimteheffing, dient deze heffing toch een ander doel. De roerende woon- en bedrijfsruimte is een echte belasting zoals de onroerendezaakbelastingen. Daarmee zijn de middelen van die belasting vrij aanwendbaar.

De heffing liggelden woonschepen en bedrijfsvaartuigen is daarentegen een retributie, die dient tot verhaal van gemeentelijke kosten voor de instandhouding van ligplaatsen. De houder van de ligplaatsvergunning is belastingplichtig en betaalt per jaar een in de belastingverordening opgenomen vast bedrag.

Bruggelden
Onder de naam “bruggelden” wordt een recht geheven voor het door de gemeente openen en geopend houden van een brug voor het doorlaten van een vaartuig. Het gaat daarbij om een drietal in de belastingverordening nader aangeduide bruggen over de Dokkumer Ee. Afhankelijk van welke brug men passeert, variëren de tarieven per passage.

Lig- en staangeld pleziervaartuigen/campers
Op grond van deze belastingverordening worden rechten geheven van houders van pleziervaartuigen en campers die gebruik maken van respectievelijk lig- en standplaatsen die bij de gemeente in beheer en onderhoud zijn.  De heffing ziet hoofdzakelijk op passanten. Voor zover zij tevens nachtverblijf houden tegen vergoeding is ook toeristenbelasting verschuldigd. 
De hoogte van de heffing voor liggelden is afhankelijk van de lengte van het schip en de duur van het verblijf. Voor campers wordt steeds een vast bedrag per dag per standplaats in rekening gebracht.

Rioolaansluitrecht
Nog slechts zelden worden op fiscale wijze de kosten verhaald voor het aansluiten van bestaande panden op het gemeentelijke rioolnet. In die sporadische gevallen voorziet de verordening rioolaansluitrecht in een eenmalige heffing. De belasting wordt geheven van de aanvrager van de dienst.

Lijkbezorgingsrechten
Op basis van deze belastingverordening worden rechten geheven voor het gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen en de daarmee samenhangende diensten. Zowel het gebruik als de aard van de af te nemen diensten kennen veel verschijningsvormen, die in de bij de verordening behorende tarieventabel met naam en toenaam limitatief zijn genoemd.

Tarieven- en kwijtscheldingsbeleid

Terug naar navigatie - Tarieven- en kwijtscheldingsbeleid

Tarievenbeleid
-    Voor zover geen ander beleid of andere overwegingen gelden, worden de tarieven van de belastingen, heffingen en rechten verhoogd met de stijging van het consumentenprijsindexcijfer. Voor het jaar 2025 is daarbij uitgegaan van een inflatiepercentage van 1,9 %, gebaseerd op de geharmoniseerde consumentenprijsindex (HICP) van het Centraal Planbureau.

- Besloten is om de inkomsten OZB  voor het jaar 2025 te verhogen, wat tot een structurele extra inkomst van € 1,1 miljoen zorgt.  Dit resulteert in een stijging van het tarief van OZB eigenaar woningen met 5,85%. Het tarief OZB eigenaar niet-woningen stijgt met 9,96% en het tarief OZB gebruiker niet-woningen stijgt met 9,80%. 
-    Voor de afvalstoffen- en rioolheffing wordt een kostendekking aangehouden van 100%. Dit resulteert in een stijging van de tarieven voor de afvalstoffenheffing met 2%. Het tarief voor de rioolheffing blijft gelijk.
-    Voor de toeristen- en parkeerbelastingen geldt, dat zij dienen als instrumentarium en daarmee als onderdeel van een veel meer omvattend beleid over toerisme en de bereikbaarheid van winkelkernen. De tariefontwikkelingen van die belastingen zijn dan ook zelden autonoom, maar vaak gekoppeld aan de gewenste richting op genoemde beleidsterreinen. In onderhavig jaar is er geen tariefstijging aangehouden. In 2026  is een stijging van het tarief voor de Toeristenbelasting en de Forensenbelasting van € 0,50 verwerkt, zoals aangekondigd in de Kadernota 2025-2028
-    Voor de leges is aansluiting gezocht bij het ANG-model.

-   Het tarief voor de reclamebelasting in overleg met de Stichting vastgesteld op € 485. Dit is een vast tarief, tenzij het bestuur met een verzoek tot verhoging komt. 
 

Kwijtscheldingsbeleid
Met het hanteren van een kwijtscheldingsregeling geeft de gemeente een deel van zijn burgers de mogelijkheid om voor een lagere belastingaanslag in aanmerking te komen. De ruimte om een eigen gemeentelijk kwijtscheldingsbeleid te voeren is beperkt. De criteria waaraan kwijtscheldingsverzoeken getoetst worden, zijn op rijksniveau vastgesteld. Wel mogen gemeenten zelf bepalen van welke belastingen zij kwijtschelding verlenen en welk deel van de belastingaanslag wordt kwijtgescholden.

De aanslagen onroerendezaakbelastingen, afvalstoffenheffing en rioolheffing komen in principe voor kwijtschelding in aanmerking. De gemeente Noardeast-Fryslân maakt gebruik van de ruimst mogelijke normen voor kwijtschelding, te weten de 100% bijstandsnorm en 100% AOW-norm. 
Dit geldt tevens voor de vermogenstoets, waarbij ook de ruimst mogelijke extra vermogensvrijstelling gehanteerd wordt. 
Het totaalbedrag aan te verlenen kwijtscheldingen wordt geraamd op € 400.000. Dit totaalbedrag is nagenoeg gelijk toe te kennen aan de afvalstoffenheffing en ook rioolheffing.

Tarieven 2025

Belasting soort Tarief 2024 Tarief 2025
OZB-eigenaar woningen 0,1179% 0,1248% 5,85%
OZB-eigenaar niet-woning 0,2686% 0,2954% 9,96%
OZB-gebruiker niet-woning 0,2048% 0,2249% 9,80%
RWBR-eigenaar woning 0,1179% 0,1248% 5,85%
RWBR-eigenaar niet- woning 0,2686% 0,2954% 9,96%
RWBR-gebruiker niet-woning  0,2048% 0,2249% 9,80%
Forensenbelasting 0,5562% 0,5567% 1,90%
Reclamebelasting € 485,00 € 485,00 0,00%
Precariobelasting kabels en leidingen € 0,00 € 0,00 0,00%
Parkeerbelastingen div. div.  
Leges div. div.  
Toeristenbelasting € 1,50 € 1,50 0,00%
Baatbelasting 0 0 0
Rioolheffing
Woning
Niet-woning
Grootverbruikers
Percelen zonder aansluiting op waterleidingnet

€ 240,21
€ 240,21
€ 21,21
€ 47,59

€ 240,21
€240,21
€ 21,21
€ 47,59

0,00%
0,00%
0,00%
0,00%

Afvalstoffenheffing
Éénpersoonshuishouden
Meerpersoonshuishouden


€ 167,12
€ 237,44

€ 170,46
€ 242,18

2%
2%
Bruggelden
Altenabrêge:
  • Per vaartuig


€ 5,00



€ 5,10



1,90%

Bruggen Dokkumer Ee
  •  Per vaartuig


1,75


1,80

1,90%
Liggeld woonschepen en bedrijfsvaartuigen div. div.  
Lig- en staangeld pleziervaartuigen/campers div. div.  
Rioolaansluitrecht € 1.107,35 € 1.128,40 1,90%
Lijkbezorgingsrechten div. div.  

Belastingopbrengsten

Terug naar navigatie - Belastingopbrengsten

Opbrengsten belastingen 2025 (bedragen x 1.000 euro)

Belasting soort Verwachte opbrengst 2024 Begroting 2025 Mutatie
OZB-eigenaar woningen  6.857 7.546 689
OZB-eigenaar niet-woning 2.474 2.845 371
OZB-gebruiker 1.499 1.764 265
RWBR 2 2 0
Forensenbelasting 223  238  15
Toeristenbelasting 583 588 5
Parkeerbelastingen 341 348 7
Reclamebelasting 89 89 0
Afvalstoffenheffing 4.237 4.507 270
Rioolheffing 5.143 4.970 -173
Liggeld woonschepen en bedrijfsvaartuigen 4 4 0
Lig- en staangeld pleziervaartuigen/campers 4 4 0
Bruggelden 93 93 0
Leges 1.693  2.000 307
Lijkbezorgingsrechten 482 518 36
Totaal 23.724 25.516 1.792

Kostendekking Afvalstoffenheffing, rioolheffing, leges en rechten lijkbezorging

Terug naar navigatie - Kostendekking Afvalstoffenheffing, rioolheffing, leges en rechten lijkbezorging

Afvalstoffenheffing (bedragen x 1.000 euro)

Overzicht kostendekking afvalstoffen Taakveld Begroting 2025
LASTEN:    
Exploitatielasten afvalstoffen 7.3 Afval 3.882
Straatreiniging 7.3 Afval 57
Heffings- en inningskosten 0.64 Belasting overig 5
Overhead 0.4 Overhead 385
Compensabele BTW n.v.t. 595
Kwijtscheldingen  6.3 Inkomensregelingen 200
Kapitaallasten  7.3 Afval 176
Totale lasten   5.300
BATEN:    
Afvalstoffenheffing 7.3 Afval 4.397
Dividend 0.5 Treasury 30
Verpakkingen/matrassen/prullenbakken 7.3 Afval 195
onttrekking voorziening 7.3 Afval 300
overige baten 7.3 Afval 268
Tariefstijging 2%  7.3 Afval 110
Totale baten   5.300
     
Dekkingspercentage   100%

 

Rioolheffing (bedragen x 1.000 euro)

Overzicht kostendekking riolering Taakveld Begroting 2025
LASTEN:    
Exploitatielasten riolering 7.2 Riolering 2.187
Straatreiniging 7.2 Riolering 57
Heffings- en inningskosten 7.2 Riolering 5
Overhead 0.4 Overhead 403
Compensabele BTW n.v.t. 553
Kwijtscheldingen 6.3 Inkomensregelingen 200
Kapitaallasten 7.2 Riolering 1.686
Dotatie aan Voorziening GRP 7.2 Riolering -
Dotatie aan Voorziening Groot onderhoud Riolering 7.2 Riolering -
Totale lasten   5.091
     
BATEN:    
Rioolheffing 7.2 Riolering 4.971
Overige baten  7.2 Riolering 16
Onttrekking aan voorziening 7.2 Riolering 104
Voorgestelde tariefstijging 7.2 Riolering 0%
Totale baten   5.091
     
Dekkingspercentage   100%

Lijkbezorgingsrechten (bedragen x 1.000 euro)

Overzicht kostendekking lijkbezorgingsrechten Taakveld Begroting 2025
LASTEN:    
Exploitatielasten begraafplaatsen 7.5 Begraafplaatsen 805
Overhead 0.4 Overhead 157
Kapitaallasten 7.5 Begraafplaatsen 103
Totale lasten   1.066
     
BATEN    
Begraaftarieven 7.5 Begraafplaatsen 518
Overige baten 7.5 Begraafplaatsen 153
Totale baten   671
     
Dekkingspercentage   63%

Leges (bedragen x 1.000 euro)

  Begrote opbrengsten 2025 Toegerekende kosten Kostendekking
Titel 1 Algemene Dienstverlening 1.013 1.078 94%
Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning * 942 * 879 107%
Totaal Titel 1 en 2 1.955 1.957 100%
Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijnen 45 93 48%
Totaal Legesverordening 2.000 2.050 98%

* op basis van een eerste kostenraming zijn de kosten en opbrengsten begroot. Bij de voorlopige aanname zijn de uitgangspunten van de opbrengsten van de eerste berekeningen aangehouden.  De leges worden nader gespecificeerd bij het aanbieden van de nieuwe legesverordening aan de raad.

Woonlastenontwikkeling een- en meerpersoonshuishoudens

Terug naar navigatie - Woonlastenontwikkeling een- en meerpersoonshuishoudens

Woonlasten eigenaar-bewoner1)

Gemiddelde woonlasten eigenaar-bewoner Eenpersoonshuishouden 2025 Meerpersoons huishouden 2025
Onroerendezaakbelastingen eigenaar 2) 343,20 343,20
Afvalstoffenheffing 184,95 262,76
Rioolheffing 3) 240,21 240,21
Totaal 768,36 846,17
     
Gemiddelde woonlasten 2024 728,07 804,36
Toename lokale lastendruk 5,53% 5,22%

1)Woonlastenontwikkeling een- en meerpersoonshuishoudens 2024 – 2025
2) voor het jaar 2025 is voor de berekening van de woonlasten een gemiddelde WOZ-woningwaarde aangehouden van € 275.000
3) Rioolheffing voor meerpersoonshuishoudens gebaseerd op een waterverbruik van 135 m3 per jaar en voor éénpersoonshuishoudens op 46 m3 per jaar.

Woonlasten huurder

Gemiddelde woonlasten huurder Eenpersoonshuishouden 2025 Meerpersoons huishouden 2025
Afvalstoffenheffing 184,95 262,76
Rioolheffing 240,21 240,21
Totaal 425,16 502,97
     
Gemiddelde woonlasten 2024 421,53 497,82
Toename lokale lastendruk 0,95% 1%

Vergelijken woonlasten op basis van Atlas van de lokale belastingen
Elk jaar publiceert het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (Coelo) een onafhankelijk onderzoeksinstituut verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen, de zogenoemde Atlas van de lokale belastingen. Dat Atlas geeft jaarlijks een overzicht van de heffingen van gemeenten, provincies en waterschappen, waaraan wij voor het jaar 2024 de onderstaande tabellen hebben ontleend.
In die tabellen worden de gemiddelde woonlasten voor de eigenaar-bewoner en de huurder weergegeven, en ook de provinciale en landelijke rangorde voor wat betreft de meerpersoonshuishoudens. In het verlengde daarvan hebben wij, zowel in relatieve als absolute zin, de afwijkingen ten opzichte van het Friese gemiddelde weergegeven. Let wel: het gaat hierbij om de cijfers 2024. De cijfers 2025 zijn uiteraard pas in de loop van volgend jaar beschikbaar.

Woonlasten 2024 eigenaar - bewoner

Gemeente Eenpersoons Meerpersoons Rangorde Provinciaal meerpersoons Rangorde landelijk meerpersoons
Noardeast-Fryslân 793 863 10 49
Gemiddelde in Friesland 782 893    
Verhouding t.o.v. Fries gemiddelde Eenpersoons Meerpersoons
In procenten 1,4% -3%
In euro's  11 -30

De provinciale rangorde is in 2024 in vergelijk met 2023 iets gewijzigd. Van de 18 gemeenten binnen de provincie staat Noardeast-Fryslân op plek 10 (was 11). Nummer 1 heeft de laagste woonlasten (Ameland) en nummer 18 de hoogste (Achtkarspelen).

Woonlasten 2024 huurder

Gemeente  Eenpersoons Meerpersoons Rangorde Provinciaal meerpersoons Rangorde landelijk meerpersoons
Noardeast-Fryslân 407 478 11 188
Gemiddelde in Friesland 339 453    

 

Verhouding t.o.v. Fries gemiddelde Eenpersoons Meerpersoons
In procenten 20% 5%
In euro's 68 25

Ook voor de huurder met een meerpersoonshuishouden geldt, dat de provinciale positie in 2024 ten opzichte van 2023 is gewijzigd. Van plek 16 naar 11. Nummer 1 heeft de laagste woonlasten (Weststellingwerf) en nummer 18 de hoogste (Waadhoeke). 
Ook is de landelijk positie verbeterd. Daar is de gemeente in de rangorde van “goedkoopste” gemeenten gestegen van plek 249 naar plek 188.
De relatieve verschillen ten opzichte van het Friese gemiddelde worden steeds kleiner. De gemeente groeit langzaam naar het Friese gemiddelde toe.

Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing

Inleiding

Terug naar navigatie - Inleiding

De Gemeente Noardeast-Fryslân acht het wenselijk om risico's die van invloed zijn op de bedrijfsvoering beheersbaar te maken. Door inzicht in de risico's wordt de organisatie in staat gesteld om op verantwoorde wijze besluiten te nemen, zodat de risico’s nu en de risico’s gerelateerd aan toekomstige investeringen in verhouding staan tot de vermogenspositie van de organisatie. Om inzicht in de risico’s van de gemeente te kunnen verkrijgen is er een risico-inventarisatie uitgevoerd. Hieronder wordt verslag gedaan van de resultaten van de risico-inventarisatie. Op basis van de geïnventariseerde risico’s is het weerstandsvermogen berekend.

Risicoprofiel

Terug naar navigatie - Risicoprofiel

Om de risico's van de gemeente in kaart te brengen is een risico-inventarisatie uitgevoerd in samenwerking met de betrokken medewerkers uit de organisatie. Hierbij is gebruik gemaakt van het softwareprogramma NARIS waarmee risico's systematisch in kaart kunnen worden gebracht en beoordeeld. Uit de inventarisatie zijn 45 risico's in beeld gebracht. In het onderstaande overzicht wordt de top 10 van deze risico’s gepresenteerd die de hoogste bijdrage leveren aan de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit. Deze top 10 risico’s bepalen gezamenlijk voor 84% het noodzakelijke weerstandsvermogen. 

Met deze risico-inventarisatie hebben wij een eerste stap gezet in het beschrijven van risico’s. Het geeft meer inzicht in de aanwezige risico’s en stelt organisatie en bestuur in staat beter te sturen op de beheersing van risico’s en te bepalen welk weerstandsvermogen nodig is om financiële schade voortkomend uit risico’s te ondervangen. Wij zijn van plan de komende jaren het inzicht in risico’s en de sturing en beheersing van de risico’s verder te ontwikkelen. In tabel 1 treft u een overzicht aan van de top-10 risico’s van de gemeente Noardeast-Fryslân.

Tabel 1: belangrijkste financiële risico's

Risiconummer Risico Gevolgen Kans Financieel gevolg  Invloed

R309

Virussen en/of hacking.

Stagnatie van werkzaamheden, performance verlies en/of verlies gegevens.

30%

max. € 5.000.000

27.72%

R311

Buffer (onderbesteding).

 

50%

max. € 2.600.000

23.93%

R173

Toename van het aantal jeugdvoorzieningen door meer aanvragen dan verwacht.

Er komt een overschrijding op de begrote budgetten. Deze overschrijding is afhankelijk van de zorgvraag en varieert per zwaarte van de zorgindicatie.

35%

max. € 1.750.000

15.03%

R162

Prijsstijging van uit te besteden werk. Vertraging in leveringen. Prijsstijging inkoop bouwmateriaal en materieel.

Toenemende kosten bij onderhoud, vervanging en nieuwe projecten.

70%

max. € 800.000

6.86%

R155

De munitiestortplaats op de Engelsmanplaat moet worden gesaneerd en het Rijk houdt de gemeente daarvoor verantwoordelijk.

In de begroting is geen rekening gehouden met mogelijke saneringskosten van munitiestortplaats Engelsmanplaat.

3%

max. € 5.000.000

2.22%

R214

Het budgethouderschap en de sturing & control op de bewaking van budgetten is niet optimaal.

Overschrijding van budgetten.

30%

max. € 500.000

1.85%

R229

Het subsidiebureau voor de versnellingsagenda maakt een (procedurele) inschattingsfout bij de beoordeling van een ingediende subsidieaanvraag, waardoor door de Regioboard en het college van Noardeast-Fryslan een foutieve subsidietoekenning plaatsvindt.

Een bezwaarschift kan er toe leiden dat de aangevraagde middelen toch moeten worden toegekend. Het niet goed hanteren van de regels (bijv. voor steunverlening) kunnen ertoe leiden dat subsidie moet worden teruggevorderd.

30%

max. € 500.000

1.82%

R136

Er wordt een Elfstedentocht op de schaats georganiseerd.

De kosten bestaan voornamelijk uit de te nemen maatregelen voor het veilig verloop van een Elfstedentocht. Denk hierbij aan verkeersmaatregelen met bijbehorende hekken, bebording en verkeersregelaars, cameratoezicht, beveiliging en ook personeelskosten.

10%

max. € 1.555.000

1.78%

R110

Beschikbaarheid van informatiesystemen.

 

10%

max. € 1.125.000

1.38%

R307

Cofinanciering onduidelijkheid over toezeggingen in het verleden voor projecten.

Toezeggingen uit het verleden moeten alsnog worden nagekomen.

40%

max. € 250.000

1.22%

Op basis van de ingevoerde risico's is een risicosimulatie in NARIS uitgevoerd. De risicosimulatie is toegepast omdat het reserveren van het maximale bedrag niet nodig is. De risico's zullen immers niet allemaal tegelijk en in hun maximale omvang optreden. Figuur 1 en Tabel 2 tonen de resultaten van de risicosimulatie.

Figuur 1: Uitkomsten kansverdeling

 

Tabel 2: Benodigde weerstandscapaciteit bij verschillende zekerheidspercentages

Percentage Bedrag

5%

€ 821.381

10%

€ 1.134.095

15%

€ 1.456.885

20%

€ 1.954.538

25%

€ 2.394.285

30%

€ 2.671.705

35%

€ 2.903.803

40%

€ 3.125.885

45%

€ 3.368.907

50%

€ 3.648.253

55%

€ 3.992.189

60%

€ 4.393.619

65%

€ 4.779.314

70%

€ 5.165.048

75%

€ 5.593.911

80%

€ 6.091.182

85%

€ 6.732.070

90%

€ 7.435.557

95%

€ 8.346.795

Uit de grafiek en de bijbehorende tabel volgt dat 90% zeker is dat alle risico's kunnen worden afgedekt met een bedrag van afgerond € 7.400.000. Dit wordt ook wel het benodigde weerstandscapaciteit genoemd. 

Beschikbare weerstandscapaciteit

Terug naar navigatie - Beschikbare weerstandscapaciteit

Beschikbare weerstandscapaciteit
De beschikbare weerstandscapaciteit van Gemeente Noardeast-Fryslan bestaat uit het geheel aan middelen dat de organisatie daadwerkelijk beschikbaar heeft om de risico's in financiële zin af te dekken. In het geval van de gemeente Noardeast-Fryslân is dat de Algemene reserve en de post onvoorzien.

Weerstand Bedrag
Algemene reserve € 9.872.000
Algemene reserve ter dekking van risico’s € 7.400.000
Post onvoorzien € 101.000
Totale weerstandscapaciteit € 17.373.000

 

Relatie benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit

Terug naar navigatie - Relatie benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit

Relatie benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit
Om te bepalen of het weerstandsvermogen toereikend is, dient de relatie te worden gelegd tussen de financieel gekwantificeerde risico's en de daarbij gewenste weerstandscapaciteit en de beschikbare weerstandscapaciteit. De benodigde weerstandscapaciteit die uit de risicosimulatie voortvloeit kan worden afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. De uitkomst van die berekening vormt het weerstandsvermogen.

Ratio weerstandsvermogen = Beschikbare weerstandscapaciteit                 € 17.267.000

                                                                   _____________________________________ =            ________________ = 2,33

                                                                    Benodigde weerstandscapaciteit                  €  7.400.000

De normtabel hieronder is ontwikkeld in samenwerking met de Universiteit Twente. Het biedt een waardering van de berekende ratio.

Waarderingscijfer Ratio Betekenis
A >2.0 uitstekend
B 1.4-2.0 ruim voldoende
C 1.0-1.4 voldoende
D 0.8-1.0 matig
E 0.6-0.8 onvoldoende
F <0.6 ruim onvoldoende

Het weerstandsvermogen valt in klasse A. Dit duidt op een uitstekend weerstandsvermogen. Echter, het weerstandsvermogen alleen zegt niet zoveel over de financiële positie van de gemeente. Om een beter beeld te krijgen van de financiële positie moeten verschillende kengetallen, opgenomen onder het kopje ‘Kengetallen’ in samenhang beoordeeld worden. Alleen gezamenlijk en in hun onderlinge verhouding geeft dit een goed beeld van de actuele financiële positie.

Kengetallen

Terug naar navigatie - Kengetallen

Kengetallen zijn getallen die de verhouding uitdrukken tussen bepaalde onderdelen van de begroting of de balans en kunnen helpen bij de beoordeling van de financiële positie van gemeenten. Om dit te bereiken is de BBV op dit onderdeel aangepast en wordt deze paragraaf uitgebreid met de volgende kengetallen voor:

-    Netto schuldquote;
-    Solvabiliteitsratio;
-    Grondexploitatie;
-    Structurele exploitatieruimte;
-    Belastingcapaciteit.

Deze kengetallen maken inzichtelijk over hoeveel (financiële) ruimte de gemeente beschikt om structurele en incidentele lasten te kunnen dekken of opvangen. Ze geven zodoende inzicht in de financiële weerbaar- en wendbaarheid van de gemeente.

Netto Schuldquote/Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen
Hoe hoger de schuld hoe hoger de netto schuldquote. De netto schuldquote laat de verhouding zien tussen de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen van de gemeente en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Om inzicht te verkrijgen in hoeverre er sprake is van doorlenen wordt de netto schuldquote zowel in- en exclusief doorgeleende gelden weergegeven.

  Rekening 2023 Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026 Begroting 2027 Begroting 2028
Netto schuldquote 27% 64% 83% 108% 120% 119%
Netto schuldquote (excl. doorgeleende gelden) 23% 59% 79% 103% 116%

115%

De signaalwaarde voor de netto schuldquote bedraagt 130%. Bij deze signaalwaarde is sprake van een relatief hoge schuldendruk. Voor Noardeast-Fryslân kan vastgesteld worden dat er geen sprake is van een hoge schuldendruk, echter loopt deze wel op de komende jaren. 

Solvabiliteitsratio
De solvabiliteitsratio (= Eigen Vermogen/ Totaal Vermogen) geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe weerbaarder de gemeente is.

  Rekening 2023 Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026 Begroting 2027 Begroting 2028
Solvabiliteit 29% 18% 17% 14% 12% 11%

Harde normen voor de waarde die de solvabiliteit zou moeten hebben, zijn er niet. De signaalwaarde voor de solvabiliteit bedraagt 5%, bij een lagere uitkomst heeft de gemeente een hoge schuldbelasting van het bezit. De Solvabiliteit van een gemeente is relatief laag doordat veel van de activa van de gemeente niet verhandelbaar is. Een solvabiliteit van rond de 20% is voor een gemeente goed te noemen. Om dit niveau vast te houden kan de Algemene reserve slechts beperkt aangewend worden, de raad heeft geen minimumniveau voor wat betreft de Solvabiliteit vastgesteld.

Grondexploitatie
Het kengetal grondexploitatie geeft aan hoe groot de grondpositie (waarde van de grond) is ten opzichte van de totale (geraamde) baten uit de exploitatie. Omwille van de vergelijkbaarheid van jaar op jaar is voor alle jaren uitgegaan van grondwaarden exclusief niet in exploitatie genomen gronden (zoals vanaf de jaarrekening 2016 voorgeschreven door het BBV).

  Rekening 2023 Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026 Begroting 2027 Begroting 2028
Grondexploitatie 2% 0% 3% 3% 3% 3%

Het lage percentage (meerjarig 3%) geeft aan dat de grondposities van de gemeente zeer beperkt zijn.

Structurele exploitatieruimte
Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is, doordat wordt gekeken naar het saldo van de structurele baten en structurele lasten en dit saldo wordt afgezet tegen de totale baten.

  Rekening 2023 Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026 Begroting 2027 Begroting 2028
Structurele exploitatieruimte -5% 3% 2% -1% -0,3% -0,3%

Belastingcapaciteit: woonlasten meerpersoonshuishouden
De ruimte die een gemeente heeft om haar belastingen te verhogen wordt vaak gerelateerd aan de woonlasten. Het Coelo publiceert deze lasten ieder jaar in de Atlas van de lokale lasten. Onder de woonlasten worden verstaan de OZB en de rioolheffing en reinigingsheffing voor een woning met gemiddelde WOZ-waarde in die gemeente. De belastingcapaciteit van gemeenten wordt daarom berekend door de totale lasten woonlasten meerpersoonshuishouden in jaar “t” te vergelijken met het landelijke gemiddelde in jaar “t-1” in en uit te drukken in een percentage.

  Rekening 2023  Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026 Begroting 2027 Begroting 2028
Belastingcapaciteit 103% 85% 87% 87% 87% 87%

Het betekent dat de gemiddelde woonlasten voor een meerpersoonshuishouden in Noardeast-Fryslân onder het landelijk gemiddelde ligt. 

Paragraaf financiering

Inleiding

Terug naar navigatie - Inleiding

Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) worden in de begroting in afzonderlijke paragrafen beleidsrichtlijnen vastgelegd over relevante beheersmatige aspecten. In de beheers verordening naar artikel 212 van de Gemeentewet geeft de raad het kader aan.

In het Treasurystatuut van de gemeente Noardeast-Fryslân, staan de uitgangspunten en doelstellingen voor het treasurybeleid vermeld. De geplande uitvoering van het treasurybeleid is weergegeven in de paragraaf financiering.

Renteontwikkeling
Een cruciale factor bij de uitvoering van het treasurybeleid is de verwachte rentebeweging. Onze renteprognose wordt opgesteld in samenwerking met verschillende financiële instellingen. Na een periode van historisch lage rentes, is de rente in 2022 aanzienlijk gestegen. Bij stabiele inflatiecijfers, waarbij de inflatie rond het doel van 2% blijft, zal de Europese Centrale Bank (ECB) doorgaans een neutraal monetair beleid handhaven. Dit betekent dat de ECB geen drastische wijzigingen in de rentetarieven of andere beleidsinstrumenten zal doorvoeren.

Kasbeheer
De gemeente Noardeast-Fryslân voert haar betalingsverkeer voornamelijk via de BNG Bank uit. Daarnaast wordt de Rabobank gebruikt voor het afstorten van contant geld en als service voor klanten. Het saldo op deze rekening wordt periodiek overgeboekt naar de BNG-rekening.

Met de BNG Bank is een financieringsovereenkomst afgesloten voor één jaar, die jaarlijks op 1 januari stilzwijgend wordt verlengd.

Bij de Rabobank is geen kredietfaciliteit beschikbaar. De gemeente Noardeast-Fryslân kan echter tot de kasgeldlimiet (8,5% van het totale budget) voor een bepaalde periode kortlopende leningen aangaan.

Schatkistbankieren
Schatkistbankieren voor decentrale overheden is wettelijk verankerd in de Wet FIDO en heeft als doel de EMU-schuld van de collectieve sector te verlagen. Omdat schatkistbankieren verplicht is, moeten decentrale overheden alle middelen die ze niet direct nodig hebben voor hun publieke taken in de schatkist onderbrengen. Er is echter een drempelbedrag van toepassing, afhankelijk van de financiële omvang van de decentrale overheid. Per 1 juli 2021 is deze drempel verhoogd van 0,75% van het jaarlijkse begrotingstotaal naar 2%, met een minimum van €1.000.000.

De overtollige middelen die de gemeente in de schatkist aanhoudt en op elk moment kan opnemen, worden vergoed met daggeldrente tegen het Eonia-tarief. 

Renterisicobeheer
De gemeente loopt renterisico wanneer nieuwe leningen moeten worden afgesloten (herfinanciering) of wanneer een renteherziening plaatsvindt. Om dit risico te beheersen, is in de wet FIDO een renterisiconorm vastgesteld. De renterisiconorm is ingevoerd om te voorkomen dat de rentelasten plotseling stijgen door aflossingen en het aangaan van nieuwe leningen. Voor gemeenten mag deze norm niet meer dan 20% van het begrotingsbedrag aan het begin van het begrotingsjaar bedragen. Hieronder volgt de berekening van de renterisiconorm.

  Bedragen x € 1.000
Begrotingstotaal 180.847
Renterisico percentage 20%
Renterisiconorm 36.169

In onderstaande tabel wordt het totaal aan renteherzieningen en aflossingen beoordeeld aan de hand van de renterisiconorm.

  Bedragen x € 1.000
Renteherziening en aflossing (renterisico) 5.387
Renterisiconorm 36.169
Ruimte onder renterisiconorm 30.783

Uit bovenstaande berekening blijkt dat de gemeente Noardeast-Fryslân binnen de grenzen van de renterisiconorm blijft.

Kasgeldlimiet
De kasgeldlimiet (het bedrag waarvoor op basis van kortgeld financiering mag worden aangetrokken) bedraagt 8,5% van het gemeentelijke budget bij aanvang van het begrotingsjaar 2025. Het kasgeldlimiet is ingesteld om het renterisico bij kortlopende financieringen te beperken, omdat rentefluctuaties bij deze financieringen direct een aanzienlijke invloed hebben op de rentelasten. De kasgeldlimiet voor het jaar 2025 is € 15.372.000 (8,5% van € 180.847.000). 

Het is toegestaan om tijdelijk, gedurende drie opeenvolgende kwartalen, de kasgeldlimiet te overschrijden. In 2025 wordt de kasgeldlimiet naar verwachting niet overschreden.

Lening positie
De totale schuld van de gemeente per 31 december 2025 bedraagt € 58.311.000, waarvan aan derden is doorgeleend een bedrag van bijna € 2.949.000. In onderstaande tabel staat de lening portefeuille exclusief doorgeleende gelden.

  Bedragen x € 1.000
Schuld per 01-01 63.697
Aflossingen -5.387
Nieuwe leningen -
Schuld per 31-12 58.311

Kredietrisico op verstrekte geldleningen
De gemeente staat borg voor een aantal geldleningen. Gezien het feit dat voor de meeste van deze leningen het Waarborgfonds Sociale Woningbouw garant staat, kan het directe risico als minimaal worden beschouwd. Het indirecte risico is wel aanwezig. Dit risico ontstaat wanneer een willekeurige landelijke woningcorporatie niet meer aan haar betalingsverplichting kan voldoen (denk hierbij aan Woningcorporatie Vestia) en het WSW-garantievermogen daalt tot beneden 0,25%, van het totale geborgde vermogen. Mocht dit voorkomen dan zullen de gezamenlijke gemeenten voor 50% van deze schuld (na uitputting van het garantievermogen en betaling van de directe schadegemeentes) verplicht zijn deze overblijvende schuld, via een renteloze lening te verstrekken. Het risico is dan in beginsel de rentederving op deze verstrekte lening. 

Wet HOF

Terug naar navigatie - Wet HOF

Wet HOF
In de wet Houdbare Overheids Financiën (wet HOF) worden de Europese normen verankerd voor de hoogte van de overheidsschuld en de jaarlijkse groei van de overheidsschuld. Die normen raken ook gemeenten, omdat de gemeenteschulden en financieringstekorten van gemeenten meetellen in de overheidsschuld van Nederland. Elke gemeente heeft een individuele EMU-referentiewaarde. Deze is afgeleid van het plafond voor het EMU-saldo van de gezamenlijke gemeenten. De VNG adviseert gemeenten om niet te sturen op deze EMU-referentiewaarde. Dat verhindert een uitruil van plussen en minnen tussen gemeenten ten opzichte van de individuele EMU-referentiewaarde en leidt mogelijk tot een onnodig uitstel van investeringen door gemeenten. In plaats daarvan kunnen gemeenten beter sturen op de ontwikkeling van de hoogte van de schuld. Als gemeente Noardeast-Fryslân hebben wij aandacht voor de schuldpositie van onze gemeente via de jaarstukken en begroting en de daarin verplicht opgenomen paragraaf Financiering. Daarbij dient opgemerkt te worden dat de gemeente Noardeast-Fryslân geen specifiek schuldenbeleid heeft.

Renteverdeling
De rentekosten worden verdeeld aan de taakvelden op basis van een omslagrente. Hierbij worden de totale rentekosten eerst gecorrigeerd met de doorgeleende geldleningen en de toerekening aan de grondexploitaties. Het totaal toe te rekenen rente aan de taakvelden bedraagt € 1.915.000. Aan de taakvelden wordt doorberekend een bedrag van € 1.906.000, waardoor op de treasury door afrondingen een voordelig renteresultaat van € 9.000 ontstaat.

Renteschema

  Bedragen x € 1.000
Rentelasten 2.190
Rentebaten -189
Correctie voor doorgeleende gelden en grondexploitaties -86
Aan taakvelden toe te rekenen rente 1.915
Werkelijk aan taakvelden toegerekende rente (=rente-omslag) -1.906
Renteresultaat op treasury 9

EMU-saldo
In 2004 hebben Rijk en medeoverheden afgesproken dat het EMU-tekort van medeoverheden maximaal -0,5% BBP mag bedragen. Deze beperking vloeit voort uit de Europese saldogrens van 0,3% BBP die geldt voor de volledige Nederlandse collectieve sector. Wanneer het saldo positief is, is er sprake van een vorderingenoverschot, als het saldo negatief is, spreekt men over een vorderingentekort. Er is voor 2025 sprake van een EMU-tekort. Onderstaande bedragen zijn x € 1.000.

  2025 2026 2027 2028
Exploitatiesaldo vóór mutaties reserves 1.311 -4.070 -2.644 -2.536
Mutaties (im)materiële vaste activa -30.458 -32.276 -17.122 5.389
Mutaties voorzieningen 1.089 2 -2.202 -3.211
Mutaties voorraden (inclusief bouwgrondexploitatie) -454 0 0 0
Berekend EMU-saldo -28.512 36.344 -21.968 -358

 

Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen

Inleiding

Terug naar navigatie - Inleiding

De gemeente Noardeast-Fryslân heeft 12.358.360 m2 openbare ruimte in beheer. Er vinden veel activiteiten plaats, zoals wonen, werken en recreëren. Voor deze activiteiten zijn veel gemeentelijke kapitaalgoederen nodig, zoals wegen, riolering, kunstwerken, (zoals bruggen, tunnels en kademuren) groen, verlichting en gebouwen. In deze paragraaf wordt ingegaan op de manier waarop Noardeast-Fryslân omgaat met het onderhoud van deze kapitaalgoederen. Onderhoud van kapitaalgoederen beslaat een substantieel deel van de begroting en een integraal overzicht is belangrijk voor een goed inzicht in de financiële positie van de gemeente.

De gemeente Noardeast-Fryslân heeft ruwweg de volgende arealen in onderhoud:

Areaal Onderverdeeld Aantal  in
Gebouwen   65 stuks
Groen Bomen 33.000 stuks
  Natuurlijke beplanting 915.497 m2
  Hagen 20.709 m2
  Gras 5.905.878 m2
  Cultuurbeplanting 135.617 m2
  Speeltoestellen 592 stuks
Verhardingen Verhardingen 4.894.081 m2
  Lichtmasten 8.173 stuks
Kunstwerken   750 stuks

Stand van zaken onderhoudsplannen kapitaalgoederen

In juni 2021 heeft de raad de nota kapitaalgoederen vastgesteld. In de nota kapitaalgoederen staat het beleidskader beschreven voor het onderhouden van de kapitaalgoederen inclusief de financiële consequenties. Ook zijn de vervangingsinvesteringen in beeld gebracht en zijn er voorzieningen ingesteld voor het groot onderhoud. De financiële consequenties zijn verwerkt in de begroting van 2022 en verder. 

In de tabel hieronder een weergave van de stand van zaken over de beleid/ beheerplannen.

Onderdeel Beheers en onderhoudsplan aanwezig Datum vaststelling beheerplan gemeenteraad Beheersplan actueel? Toelichting
Wegen Ja Juni 2021 Ja Nota kapitaalgoederen
Onkruidbestrijding Ja Juni 2021 Ja Nota kapitaalgoederen
Openbare verlichting Ja Juni 2021 Ja Nota kapitaalgoederen
Kunstwerken Ja Juni 2021 Ja Nota kapitaalgoederen
Gebouwen Ja Juni 2021 Ja Nota kapitaalgoederen
Waterwegen Ja Juni 2022 Ja Nota kapitaalgoederen

De raad heeft bij het vaststellen van de Nota kapitaalgoederen, middels een amendement, besloten het onderhoudsniveau voor de wegen en voor het groen vast te stellen op het niveau Basis, voor de gebouwen conditiescore 4, voor de kunstwerken, straatverlichting en baggeren een instandhoudingsniveau te hanteren met als toelichting; 
Het voorgestelde onderhoudsniveau van bovengenoemde onderdelen minimaal op het huidige niveau instant te houden. Dit om kapitaalvernietiging tegen te gaan. Gedurende de volgende 4-5 jaar toewerken naar een basis-onderhoudsniveau om stapsgewijs het onderhoudsniveau laag te vervangen. Hiervoor middelen te reserveren die elders binnen de gemeentelijke financiën vrijkomen.
In de begroting 2022 en verder, zijn de financiële consequenties opgenomen voor onderhoudsniveau Basis voor wegen en voor onderhoudsniveau Laag voor Groen, voor de gebouwen het onderhoudsniveau conditiescore 4 en voor de kunstwerken en waterwegen een instandhoudingsniveau. 
Om binnen 4 jaar voor groen het kwaliteitsniveau van Laag naar Basis te brengen, zal onderzocht worden waar nog bezuinigd kan worden door bijvoorbeeld (groen)areaal om te vormen of af te stoten. Deze bezuiniging kan op andere plaatsen gebruikt worden om een hoger onderhoudsniveau te realiseren zodat bij het groen toegewerkt kan worden naar onderhoudsniveau Basis.
Dit wordt op de volgende wijze aangepakt: per dorp/ wijk de mogelijkheden in beeld te brengen waar bezuinigd kan worden door bijvoorbeeld omvorming. Bij het in beeld brengen van de mogelijkheden zal er ook gekeken worden naar mogelijkheden om de biodiversiteit te vergroten. De besparing die ontstaat te gebruiken om op andere plaatsen de onderhoudskwaliteit te verhogen. De voorstellen zullen besproken worden met de dorpen/ wijken. Met de periodieke beeldkwaliteit schouw zullen de effecten hiervan in beeld worden gebracht.

Verhardingen

Terug naar navigatie - Verhardingen

Beleidskader verhardingen
De wegen worden op het onderhoudsniveau onderhouden zoals vastgesteld in de nota kapitaalgoederen. Dit is het onderhoudsniveau Basis. Ook zijn de investeringen voor de komende jaren in beeld gebracht die onlosmakelijk verbonden zijn met het kapitaalgoed. Vanaf 2022 is er extra budget voor onkruidbestrijding meegenomen in de begroting zodat de onkruidbestrijding op het niveau Basis is te onderhouden. Ook zijn de volgende kosten meegenomen in het plan:

•    “opfrissen” van wegmarkering 
•    onderhoud en vervanging van ANWB-bewegwijzering 
•    de kosten voor de wegeninspecties 

Onderhoud verhardingen
Een maal per 2 jaar wordt er een visuele weginspectie uitgevoerd ten behoeve van het vaststellen van het groot onderhoud. De inspectiegegevens worden ingebracht in een geautomatiseerd wegbeheersysteem. De onderhoudsstrategieën voor de wegverhardingen zijn gestoeld op de landelijk toegepaste methodiek (gedragsmodellen) van het CROW (kenniscentrum voor verkeer, vervoer en infrastructuur). 
Binnen de uitvoering van het onderhoud is een tweedeling aangebracht tussen groot en klein onderhoud. Het klein onderhoud wordt uitgevoerd door het cluster Gemeentewurk en het groot onderhoud wordt uitbesteed aan aannemers. Het klein onderhoud aan verharding betreft het herstel van elementenverhardingen. Dit klein onderhoud wordt uitgevoerd naar aanleiding van eigen constatering, na meldingen van burgers/ bedrijven of na opmerkingen die worden gemaakt tijdens het schouwen van de openbare ruimten. 
Het groot onderhoud is via onderhoudsbestekken door aannemers uitgevoerd onder regie van Cluster Iepenbiere Romte. 

Onkruidbestrijding op verhardingen
De onkruidbestrijding op verharding binnen de bebouwde kom is uitbesteed aan een aannemer. Cluster Gemeentewurk geeft uitvoering aan de onkruidbestrijding op verhardingen buiten de bebouwde kom, rondom het gemeentehuis en gemeentewerven en op begraafplaatsen.

Openbare verlichting

Terug naar navigatie - Openbare verlichting

Beleidskader openbare verlichting
De Openbare verlichting wordt op het onderhoudsniveau onderhouden zoals vastgesteld in de nota kapitaalgoederen. Dit is een instandhoudingsniveau waarbij geen kapitaalvernietiging plaats vindt. Ook zijn de investeringen voor de komende jaren in beeld gebracht die onlosmakelijk verbonden zijn met het in de stand van het kapitaalgoed. De besparing op energie en onderhoud door “verledden” is meegenomen. De kosten voor periodieke reiniging van armatuur is meegenomen. Kosten voor het reinigen van masten is niet meegenomen.
Het planmatig vervangen van armaturen door LED-armaturen leidt tot een besparing op onderhoud en energie. Bij LED-armaturen hoeven periodiek geen lampen vervangen te worden en is er ook geen uitval van lampen meer. LED-armaturen hebben een lager vermogen dan conventionele armaturen, waardoor er minder energie verbruikt wordt. Dit sluit ook aan op duurzaamheidsdoelstellingen van de gemeente, zonder dat dit een extra investering vraagt.

Onderhoud Openbare verlichting 
Inspectie of schouw van de openbare verlichting vindt niet (meer) plaats. Storingen worden opgelost op basis van meldingen (piepsysteem). De vervangingen van masten en armaturen geschiedt op basis van leeftijd. Met de nota kapitaalgoederen is de vervangingsbehoefte in beeld gebracht. 

Openbaar groen

Terug naar navigatie - Openbaar groen

Beleidskader openbaar groen
Het Openbaar groen wordt onderhouden op het onderhoudsniveau zoals vastgesteld in de nota kapitaalgoederen. Dit is het onderhoudsniveau Basis. Het oude onderhoudsniveau was Laag. De raad wil gedurende de volgende 4-5 jaar toewerken naar een basis-onderhoudsniveau om stapsgewijs het onderhoudsniveau laag te vervangen. Dit wordt gedaan door in beeld te brengen waar er met afstoten en/ of omvormen bezuinigd kan worden. Deze besparing zal ingezet worden om op andere plaatsen een hoger niveau te realiseren. Ook worden jaarlijks de investering met betrekking tot vervanging in beeld gebracht om zo de onderhoudsopgave in beeld te houden. 

Onderhoud openbaar groen

Het onderhoud van openbaar groen wordt voor het grootste deel uitgevoerd door het Cluster Gemeentewurk. 
Onderhoudswerkzaamheden bestaan in hoofdzaak uit schoffelen, spitten, snoeien, maaien, bemesten, inboet, onkruidbestrijding, mollenbestrijding, doorspuiten drains, onderhoud bestrating, onderhoud hekwerken/rasters, reconstructie en onderhoud (bos)plantsoen. Een groot deel van de eenvoudige repeterende groenonderhoudswerkzaamheden wordt verricht door gedetacheerde medewerkers van Dokwurk. 
Gemeentewurk verzorgt ook het maaien van de bermen buiten de bebouwde kom. Een deel van de bermen wordt ecologisch beheerd, al dan niet met behulp van derden (aannemer/ lokale boeren). 

Komende jaren is het de bedoeling om een groot deel van de bermen ecologisch te gaan beheren. Deze taken worden beleidsmatig ondersteund door Cluster Iepenbiere Romte net als het hekkelen buiten de bebouwde kom en grootschalige groen vervangingen/investeringen. 

Groen en speelvoorzieningen
Het dagelijks onderhoud van het openbaar groen wordt volgens onderhoudsschema’s op het vastgestelde onderhoudsniveau onderhouden. Het onderhoudsniveau wordt geborgd via een doorlopende kwaliteitsschouw van de openbare ruimte waardoor tijdig kan worden bijgestuurd. Het groot onderhoud en de vervangingen worden uitgevoerd naar aanleiding van cyclische inspecties. De speeltoestellen worden viermaal per jaar geïnspecteerd. Aan de hand van deze inspecties wordt onderhoud uitgevoerd en worden speeltoestellen en veiligheidsondergronden vervangen. De financiering van het plaatsen van nieuwe toestellen (vervanging) wordt verzorgd door de speeltuincommissie, dorpsbelang of door de wijkraad. Dit in verband met het verkrijgen van subsidie. 

Kunstwerken (bruggen, tunnels en grondkeringen)

Terug naar navigatie - Kunstwerken (bruggen, tunnels en grondkeringen)

Beleidskader kunstwerken
De kunstwerken worden op het onderhoudsniveau onderhouden zoals vastgesteld in de nota kapitaalgoederen. Dit is een instandhoudingsniveau waarbij geen kapitaalvernietiging plaats vindt. Ook zijn de investeringen voor de komende jaren in beeld gebracht die onlosmakelijk verbonden zijn het kapitaalgoed.

Onderhoud kunstwerken

Voor de beweegbare bruggen, grote vaste bruggen en de kademuren is er een vast onderhoudsschema voor schilderwerk en kleine reparaties. Jaarlijks worden alle beweegbare bruggen geïnspecteerd. Uit deze inspectie wordt een planning opgesteld voor het groot onderhoud en de vervanging.
Het Cluster Iepenbiere Romte verzorgt de beleidsmatige ondersteuning van het onderhoud van kunstwerken. Daarnaast verzorgt zij het groot onderhoud. Dagelijks onderhoud en kleine reparaties worden verzorgd door het Cluster Gemeentewurk.

Riolering

Terug naar navigatie - Riolering

Het beleid en de ontwikkelingen op het gebied van riolering ligt vast in Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP). In december 2021 is er een nieuw vGRP vastgesteld. Wettelijke kaders voor het GRP worden gevormd door de Wet Milieubeheer en de Waterwet. De Gemeentewet doet (o.a.) uitspraken over de rioolheffing. In de Wet Milieubeheer is geregeld dat de gemeenteraad een GRP telkens voor een daarbij vast te stellen periode vaststelt. Het is een beleidsmatig en financieel document over de gemeentelijke watertaken en een hulpmiddel om goede beleidsafwegingen te maken op het terrein van de zorgplichten voor afvalwater, hemelwater en grondwater in relatie tot de bescherming van de bodem- en waterkwaliteit. 
De zorg voor water en riolering is een voortdurend proces dat door ontwikkelingen in de tijd moet worden aangepast. Volgens de huidige wetgeving, vastgelegd in de Waterwet en de wet Milieubeheer, is ervoor de gemeente sprake van drie zorgplichten:

• de zorgplicht voor de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater;
• de zorgplicht voor het afvloeiende hemelwater;
• de zorgplicht ter voorkoming van structureel nadelige gevolgen van het grondwater.

Uitvoering van de maatregelen uit het vGRP zorgt ervoor dat de inzameling en het transport van afvalwater effectief blijft verlopen. Hiermee wordt voorkomen dat er schade aan het milieu ontstaat, er overlast voor de bewoners is en dat de volksgezondheid wordt gewaarborgd. Verder wordt ervoor gezorgd dat hemelwater, voor zover particulieren dat niet zelf kunnen, goed wordt ingezameld en verwerkt en dat inwoners weten waar ze met grondwatervragen terecht kunnen.

Onderhoud rioleringen
Het dagelijks beheer en onderhoud aan de riolering wordt uitgevoerd door het Cluster Gemeentewurk. Grootschalig onderhoud, inspectie en vervangingen worden gerealiseerd door het Cluster Iepenbiere Romte. Ook verzorgt het Cluster Iepenbiere Romte de beleidsmatige aspecten en bewaakt het hydraulisch en hygiënisch functioneren van de riolering. Het dagelijks onderhoud bestaat uit een groot aantal werkzaamheden waaronder; legen van straat en trottoirkolken, reinigen van leidingen, vegen van goten, inspectie en onderhoud van pompen en gemalen, reparatie van kleinere lekkages, etc. Vrijkomend slib uit onderhoud werkzaamheden wordt afgevoerd naar Omrin. Groot onderhoud aan en vervangingen van de riolering wordt uitgevoerd op basis van inspecties van het riool. Inspectie gegevens worden bijgehouden in een beheersysteem op basis waarvan jaarlijks het vervangingsprogramma wordt opgesteld. Naast vervangingen worden ook optimalisaties doorgevoerd. Hierbij valt te denken aan het ombouwen van verbeterd gescheiden stelsels en hydraulische aanpassingen van het stelsel en het afkoppelen van regenwater.

Waterwegen

Terug naar navigatie - Waterwegen

Beleidskader waterwegen
De waterwegen worden op het onderhoudsniveau onderhouden zoals vastgesteld in de nota kapitaalgoederen. Dit is een instandhoudingsniveau waarbij geen problemen ontstaan. De onderhoudsplanning voor het baggeren is voor een groot deel gebaseerd op een cyclische planning. In 2021/ 2022 zijn peilingen uitgevoerd. Op basis hiervan is de cyclische planning aangepast. 
Onderhoud van waterwegen is te verdelen in watervoerendheid en bevaarbaarheid. Ten aanzien van watervoerendheid moeten alle gemeentelijke watergangen voldoen aan de keur van het waterschap. Hiertoe worden de sloten uitgemaaid. Incidenteel moet er worden gebaggerd.
Bevaarbare waterwegen worden in beginsel vastgelegd in het Provinciaal Verkeer en Vervoersplan (PVVP).

Onderhoud waterwegen
Voor het hekkelen van waterwegen (betreft voornamelijk bermsloten) wordt getracht zo veel mogelijk afspraken te maken met eigenaren van aanliggende percelen waarbij de gemeente hekkelt en de eigenaren van de aanliggende percelen het hekkelmateriaal ontvangt. In een aantal gevallen zijn er hekkelcontracten met de aanliggende grondeigenaar afgesloten. In deze gevallen wordt de gehele sloot gehekkeld door de aanliggende eigenaar tegen een bepaalde vergoeding. 

Overdracht stedelijk water
Wetterskip is waterbeheerder voor alle het stedelijk water (binnen de bebouwde kom). Gemeente voert wel dagelijks/ jaarlijks onderhoud uit (hekkelen) aan hoofd- en secundaire watergangen voor het Wetterskip en krijgt de kostprijs hiervan vergoed. Baggeren van hoofd- en secundaire watergangen onder OSW is voor het Wetterskip. Voor vijvers binnen de bebouwde kommen ontvangt de gemeente jaarlijks een vast bedrag om jaarlijks te hekkelen/ maaien (indien noodzakelijk) en om periodiek te baggeren. 

Gebouwen onderwijs en sport

Terug naar navigatie - Gebouwen onderwijs en sport

Onderhoud onderwijsgebouwen
Voor het onderhoud aan de schoolgebouwen is een meerjarig onderhoudsplan met de schoolbesturen opgesteld. Door een wetswijziging zijn de taken en budgetten voor het buitenonderhoud en aanpassingen van schoolgebouwen per 2015 overgeheveld van de gemeente naar de schoolbesturen. Door deze wijziging wordt de gemeente gekort op de algemene uitkering en komt de verplichting van het onderhoud voor de schoolgebouwen te vervallen.

Onderhoud sportaccommodaties
De gebouwen voor sportaccommodaties in de gemeente Noardeast-Fryslân, die in eigendom zijn van de gemeente, vallen onder het meerjarig planmatig onderhoudsprogramma.

Vijfmaal per jaar wordt er een beeldkwaliteit schouw uitgevoerd volgens de CROW-publicatie 223. Deze beeldkwaliteitsschouw heeft betrekking op groen en wegen. Bij deze schouwrondes worden er op willekeurig gekozen plaatsen geïnspecteerd waarbij wordt gekeken naar wat de beeldkwaliteit is ten opzichte van de vastgestelde kwaliteit. Naast beeldkwaliteit worden er ook technische inspecties uitgevoerd. De beeldkwaliteit zegt nog niets over de technische kwaliteit.
Het uitgangspunt van het beheren van de kapitaalgoederen is een cyclische aanpak mede gebaseerd op het Besluit Begroten en Verantwoorden (BBV) 
Het Cluster Gemeentewurk voert een groot deel van de werkzaamheden uit die invloed hebben op de beeldkwaliteit. In 2018 is er begonnen met een inhaalslag met het planmatig groot snoeionderhoud bij bosplantsoenen en heesters. In 2024 zal verder worden gekeken hoe uitvoeringsprocessen beter afgestemd kunnen worden op het vastgestelde integrale kwaliteitsbeeld.

Majeure vervangingen/ projecten

Terug naar navigatie - Majeure vervangingen/ projecten

Waterwegen
•    Baggeren op verschillende locaties in de gemeente (in uitvoering)

Straatverlichting:
•    Vervanging van armaturen voor Led armaturen 
•    Vervanging van masten 

Wegen:
•    Herinrichting Woudweg Dokkum in voorbereiding
•    Herinrichting Foijingaweg Kollumerpomp
•    Reconstructie Schapedijkje te Dokkum (verharding en riolering vervangen)
•    Reconstructie Kerkstraat te Marrum
•    Reconstructie Gasthuistraat te Dokkum
•    Reconstructie Molenbuurt te Dokkum
•    Lange Oosterstraat te Dokkum (in uitvoering)
•    Reconstructie diverse wegvakken in de gemeente (in uitvoering)
•    Reconstructie Fietspad Esumasyl – Esonstad
•    Aanleg busbaan te Hallum (in voorbereiding)

Kunstwerken:
•    Vervangen damwand Strobosserweg te Dokkum
•    Vervangen Eysobrug te Kollum (in voorbereiding)
•    Vervangen damwand in Munnekezijl (in voorbereiding)

Riolering:

•    Aanleg wadi Hoedemakerspolder te Dokkum (afkoppelen regenwater)
•    Diverse straten in Ternaard (in voorbereiding)
•    Diverse straten in Wierum (in voorbereiding)

Groen:

•    Vervangen kunstgrasveld in Hallum, Blija, Burdaard en Kollum. 
•    Groenvervanging aan de Rondweg West te Dokkum
•    Diverse renovaties plantvakken volgens technische schouw gehele gemeente
•    Essentaksterfte vervangen van bomen in het landschap in de voormalige gemeenten Ferwerderadiel en Dongeradeel
•    Exotenbestrijding/ beheer (Japanse Duizendknoop)

Bouwkunde:

•    Renovatie openlucht zwembad “De Swan Stjerren” in Hallum

 

Paragraaf bedrijfsvoering

Inleiding

Terug naar navigatie - Inleiding

De term ‘bedrijfsvoering’ verwijst naar de inzet van bedrijfsmiddelen om de bedrijfsdoelen te behalen. Die bedrijfsmiddelen zijn: personeel, informatie, organisatie, financiën, automatisering, communicatie, huisvesting (‘PIOFACH’), aangevuld met juridisch en inkoop. 

Deze paragraaf heeft betrekking op de gehele ambtelijke organisatie. Naast werk voor Noardeast-Fryslân (het overgrote deel) verrichten wij ook in beperkte mate diensten voor de gemeenten Dantumadiel en Schiermonnikoog. Hiervoor vindt verrekening van kosten plaats op basis van een dienstverleningsovereenkomst. In deze paragraaf worden de volgende onderwerpen behandeld: 

-   Ontwikkeling personele bezetting
-    Bedrijfsvoeringsbegroting
-    Huisvesting 
-    Ontwikkeling risicomanagement en interne controle
-    Fraude en integriteit
-    Continuïteit
-    Openbaarheid

Ontwikkeling personele bezetting

Terug naar navigatie - Ontwikkeling personele bezetting

Het begrote aantal FTE per 1 januari 2025 bedraagt 520,48 FTE en wordt gelimiteerd door de begroting en het formatieplan. Onze systemen zijn in ontwikkeling en laten op dit moment niet toe om te bepalen hoeveel FTE als externe capaciteit wordt ingehuurd dan wel hoeveel FTE wordt ingehuurd op projectbasis. Wij verwachten in 2025 hierin meer inzicht te verkrijgen. Wel merken we een toename in inhuur als gevolg van de krapte op de arbeidsmarkt. Ook inhuur is als gevolg van de krapte op de arbeidsmarkt in sommige gevallen lastig te realiseren. Dit kan ook effect hebben op de kwaliteit van de dienstverlening. 

In de organisatie hebben we te maken met bovenformativiteit en overbezetting t.g.v. de ontvlechting en overige overbezetting.  We spreken over bovenformativiteit als medewerkers door een reorganisatie hun functie zijn kwijtgeraakt. Dat betreft 2 fte. De term ‘overbezetting’ wordt gebruikt voor de frictiekosten als gevolg van de ontvlechting met Dantumadiel: doordat er minder medewerkers zijn overgegaan dan het aandeel van Dantumadiel in de Centrumregeling, hebben we tijdelijk teveel formatie. Die kunnen we gedurende maximaal 3 jaar verrekenen met Dantumadiel. De overbezetting moet dan ook zijn opgelost. 

Onze positie op de arbeidsmarkt – “employer branding”
De ontwikkelingen op de arbeidsmarkt maken het noodzakelijk de arbeidsmarktpositie van onze gemeente te versterken. De in 2023 gestarte voorbereidingen zijn in 2024 tot uitvoering gekomen. De focus in 2025 ligt voornamelijk op het uitvoeren en implementeren van de beeldcampagne arbeidsmarktcommunicatie met de volgende doelen:

Extern gaan we meer naar buiten als aantrekkelijk werkgever, en ons onderscheiden van andere lokale overheden op het gebied van arbeidsmarkt profilering. Onze unieke identiteit willen we breed en vol trots uitdragen. We zijn een aantrekkelijke werkgever en dat mag gezien worden. Op deze manier vergroten we de respons op het gebied van vacatures en verbeteren we de kwaliteit van deze response. Intern versterken we de hechting van medewerkers aan het werkgeversmerk gemeente Noardeast-Fryslân. We willen dat medewerkers trots zijn op hun werkgever en dit uitdragen in hun eigen sociale kring. Goede medewerkers moeten we behouden, we streven naar de ultieme relatie tussen werkgever en werknemer. Het gevoel van trots, daar moet deze campagne aan bijdragen. Dit gaan we vormgeven door het implementeren van de aantrekkelijke beeldcampagne waarin het echte verhaal verteld wordt vanuit de unieke identiteit van de gemeente, gedragen door herkenbare gezichten van de organisatie. Hierbij kan concreet gedacht worden aan:
- Het finaliseren van een videoserie voor de inzet op social media (Facebook, Instagram, LinkedIn en de gemeentepagina)
-  Het implementeren en door ontwikkelen van de gemeentepagina ''werken bij"
- Het implementeren van een sociale media strategie voor (moeilijk in te vullen) vacatures
- Ontwikkeling van een strategie voor schoolbezoeken en externe profilering buiten de website om.

Ziekteverzuim
Een belangrijke factor in de beschikbare personele capaciteit is en blijft het ziekteverzuim. Het ziekteverzuimpercentage heeft zich als volgt ontwikkeld:

  Ziekteverzuim %
2020 6,27%
2021 4,90%
2022 6,37%
2023 6,35%

We zien in 2024, na de ontvlechting en met een stabiele organisatie, een verdere daling van het verzuim. Door stevig in te zetten op een goede verzuimbegeleiding door verschillende trainingen én het aanbieden van (tijdelijk) passend werk verlagen we de werkhervattingsdrempel wat een gunstige invloed heeft op de hoogte en duur van het verzuim. Op basis van deze kennis en gegevens wordt er in het laatste kwartaal geen grote stijging verwacht.

 

Bedrijfsvoeringsbegroting

Terug naar navigatie - Bedrijfsvoeringsbegroting

De bedrijfsvoeringsbegroting bestaat hoofdzakelijk uit loonkosten en personeel gerelateerde budgetten. Daarnaast maken de budgetten voor automatisering, tractie, facilitaire zaken en overige dienstverlening hier onderdeel van uit. In onderstaande tabel worden de verschillende onderdelen uit de uitvoeringsbegroting weergegeven. 

(Bedragen x € 1.000) Baten Lasten Begroting 2025
Loonkosten

55

-44.542 -44.487
Personeel gerelateerde budgetten 22 -3.323 -3.301
Automatisering 0 -4.998 -4.998
Tractie 2 -2.235 -2.233
Facilitaire zaken 2 -624 -622
Overige dienstverlening 2.215 -237 1.978
Totaal 2.296 -55.959 -53.663

Huisvesting

Terug naar navigatie - Huisvesting

In 2025 worden de voorbereidende werkzaamheden voor het project voortgezet. Aan het begin van dat jaar zullen de consequenties van de ver- en nieuwbouw worden voorgelegd aan de gemeenteraad. Deze presentatie bevat niet alleen de financiële en ruimtelijke gevolgen, maar ook de impact op de omgeving. Zodra de raad goedkeuring heeft gegeven, kan het project verder worden uitgewerkt.

De eerste stap zal zijn het verder uitwerken van het voorlopig ontwerp. Dit ontwerp biedt een gedetailleerd overzicht hoe het gebouw eruit zal zien en op welke wijze deze is ingericht. Daarbij worden verschillende aspecten meegenomen, zoals de benodigde functionaliteit, duurzaamheid en gebruiksvriendelijkheid. Het voorlopige ontwerp dient als basis voor verdere overlegmomenten met medewerkers en omwonenden.

Na eventuele aanpassingen wordt het voorlopige ontwerp verder verfijnd tot een definitief ontwerp. Dit definitieve ontwerp vormt de leidraad voor de uitvoering van de werkzaamheden. Op basis hiervan wordt de omgevingsvergunning aangevraagd. Deze vergunning is noodzakelijk om te kunnen starten met de bouw, aangezien hierin wordt vastgesteld dat het ontwerp voldoet aan alle wettelijke eisen en regels op het gebied van veiligheid, milieu en ruimtelijke ordening.

Parallel aan het proces van de omgevingsvergunning wordt de aanbestedingsprocedure voorbereid. Dit houdt in dat er een selectieproces wordt gestart om een aannemer en installateur te kiezen die verantwoordelijk zullen zijn voor de daadwerkelijke uitvoering van het project. In deze fase worden de specificaties van het project verder uitgewerkt, zodat duidelijk is welke werkzaamheden uitgevoerd moeten worden en welke materialen en technieken toegepast zullen worden. Na afronding van de aanbestedingsprocedure kan de daadwerkelijke bouw van start gaan. Dit is voorzien in 2026.

Zoals in de bijlage “Staat van investeringen” is opgenomen, is voor nieuwbouw van bouwdeel B in de jaren 2024, 2025 en 2026 in totaal € 5,7 miljoen begroot en voor bouwdelen A1 en A2 in totaal € 2,6 miljoen. Voor de inrichting is een bedrag opgenomen van € 616.000.

Ontwikkeling risicomanagement en interne controle

Terug naar navigatie - Ontwikkeling risicomanagement en interne controle

Ontwikkelagenda control

Naast focus op rechtmatigheid zal de komende jaren ook de verdere beheersing van de processen binnen de organisatie op de agenda staan van Concerncontrol. Leidraad hierbij is het groeimodel, waarbij het groeien naar concern breed ‘in control zijn’ centraal staat. Het voorname doel hierbij is het risicobewust maken van de gehele organisatie. 

Middels control platforms gaat Concerncontrol gesprekken aan met de afdelingen om risico’s en beheersmaatregelen in kaart te brengen en om wijzigingen in de processen, wet- en regelgeving, systemen en beleid vast te stellen. Een belangrijke eerste stap hierbij is het verder in kaart brengen van processen middels procesbeschrijvingen, om de administratieve organisatie en interne beheersing (AO/IB) op orde te krijgen. 

De ambitie is om meer proces- en systeemgericht te gaan controleren ten opzichte van gegevensgericht. Daarnaast zal er meer worden ingezet op themagerichte controles, waarbij een roulatiesysteem tussen processen zal worden gehanteerd. 

Collegeverklaring financiële rechtmatigheid

Sinds 2024 dient het college van BenW zelf een rechtmatigheidsverantwoording af te leggen. Dit is onderdeel van de jaarrekening. Het college legt hierbij rechtstreeks verantwoording af aan de gemeenteraad over de rechtmatigheid van het gevoerde beleid. De uitgangspunten hiervan zijn opgenomen in de financiële verordening van de gemeente. Concerncontrol heeft hierbij een onafhankelijke toetsende rol en bereidt de collegeverklaring voor. 

Bij toetsing van de rechtmatigheid vormt het begrotingscriterium een belangrijk toetsingscriterium.  Conform artikel 28 van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) dienen overschrijdingen (en onderschrijdingen) van zowel de baten als de lasten ten opzichte van de begroting na wijziging bij het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening te worden toegelicht. Ook begrotingsonrechtmatigheden die binnen de door de Raad vastgestelde beleidskaders passen, worden opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording (voor zover de verantwoordingsgrens voor afzonderlijk fouten of onduidelijkheden is overschreden). 

Fraude en integriteit

Terug naar navigatie - Fraude en integriteit

Misbruik en oneigenlijk gebruik

In de control platforms worden de risico’s van misbruik en oneigenlijk gebruik (M&O) geïdentificeerd. Onder M&O wordt verstaan, “het opzettelijk niet, niet tijdig, onjuist of onvolledig verstrekken van gegevens met als doel ten onrechte overheidssubsidies of -uitkeringen te verkrijgen of niet dan wel een te laag bedrag aan heffingen aan de overheid te betalen”. In 2022 heeft het college het M&O beleid vastgesteld. In de afgelopen jaren zijn in verschillende processen de risico’s en de bijbehorende beheersmaatregelen in kaart gebracht. Hierdoor is er meer bewustwording en beheersing ontstaan op het M&O criterium. De verantwoording over M&O moet worden opgenomen in de collegeverklaring bij de jaarrekening.

Fraude
Fraude is het opzettelijke misleiden om een onrechtmatig of onwettig voordeel te behalen ten koste van de gemeente. Deze handelingen worden verricht door personen binnen de gemeente. Een voorbeeld is het betalen van valse facturen. Tijdens de control platforms wordt hier aandacht aan besteed en de risico’s per proces geïdentificeerd. Er is nog geen specifieke aanpak gericht op frauderisico’s en fraudebeheersing en/of beleid opgesteld. 

Integriteit
In onze organisatie staat integriteit centraal. In 2025 zullen we regelmatig via ons Intranet NOA, informatie over integriteit delen en zo de verschillende aspecten van integriteit belichten. Informatie die wij onder de aandacht brengen gaan over ethisch handelen, vertrouwelijkheid en belangenverstrengeling. Daarnaast wordt integriteit in 2025 een agendapunt in diverse overleggen, waaronder werkoverleggen en ODC. Dit zorgt ervoor dat integriteit niet alleen een begrip blijft, maar meer actief bespreekbaar wordt in de dagelijkse praktijk. 
Voor nieuw personeel is bewustwording van integriteit belangrijk. Bij de aanstelling wordt integriteit structureel besproken. Alle nieuwe medewerkers moeten een geheimhoudingsverklaring ondertekenen en een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) overleggen. Bovendien wordt het onderwerp nevenwerkzaamheden en neventaken standaard besproken bij de indiensttreding om eventuele belangenconflicten te voorkomen in de toekomst. Eens per kwartaal organiseren we eed- en beloftebijeenkomsten, waarbij integriteit een vast onderdeel van de agenda is. Deze bijeenkomsten benadrukken het belang van integriteit en de bewustwording bij de nieuwe medewerker. In 2025 zullen we wederom extra aandacht besteden aan ons leerplatform Us Akademy. Hier bieden we leerlijnen aan o.a. over respectvol gedrag op de werkvloer en financiële weerbaarheid. 

Continuïteit

Terug naar navigatie - Continuïteit

De begroting is opgesteld op basis van de continuïteitsveronderstelling. De continuïteit van gemeenten is op grond van artikel 12 van de financiële verhoudingswet wettelijk verankerd. Om die reden is de continuïteit van gemeente Noardeast-Fryslân in voldoende mate gewaarborgd. Ook zijn in de begroting of andere besluiten geen stellige voornemens om majeure aanpassingen te doen in beleid, taken, activiteiten of locaties die mogelijk materiële effecten hebben op vermogen of resultaat.

Openbaarheid

Terug naar navigatie - Openbaarheid

Voor het implementeren van de Wet open overheid (Woo) is een apart budget gereserveerd. Het doel van de wet is om als overheid opener en toegankelijker te worden. Dit door meer overheidsinformatie dan voorheen sneller openbaar te maken en deze ook voor iedereen gemakkelijker toegankelijk te maken. Veel informatie is al openbaar en vrij toegankelijk. Voor Noardeast-Fryslan zijn de locaties opgenomen in de Woo-index. De focus voor het komende jaar ligt op 3 onderdelen, namelijk:


  1.   voldoen aan de wettelijke bepalingen 
  2.  communicatie voor verhogen bewustwording onder medewerkers van de gemeente
  3.  het verbeteren van de informatiehuishouding en het zoeken naar een publicatiemethode.
Het op orde hebben van de informatiehuishouding is een voorwaarde om documenten openbaar te kunnen maken.

Voldoen aan de wettelijke bepalingen 

In artikel 3.3 zijn 17 verschillende categorieën omschreven. De informatie van de betreffende categorieën moeten op een bepaald moment openbaar zijn. Per categorie is een werkdefinitie opgesteld waaraan een bestuursorgaan moet voldoen. De eerste 5 categorieën hebben de datum 1 november 2024 gekregen om klaar te zijn. De overige categorieën hebben nog geen datum, maar al wel een planning volgens tranches.  
Verder is er de inspanningsverplichting om wat eenvoudig openbaar gemaakt kan worden, deze informatie al direct beschikbaar te stellen. 

Communicatie voor verhogen bewustwording onder medewerkers van de gemeente
De communicatie wordt onderverdeeld in meerdere speerpunten. Ten eerste willen we dat de opstellers van documenten zich bewust zijn dat de burger meekijkt. Dus bij het opstellen van een tekst wordt eenvoudig en helder geschreven. Daarnaast worden persoonsgegevens op zo weinig mogelijk plaatsen in het document gebruikt, zodat we niet veel tekst hoeven af te schermen. (sjablonen en cursus B1 schrijven) 

Daarnaast willen we de informatie “goed archiveren, anonimiseren en eventueel publiceren” onder de aandacht brengen. Hoe archiveer je de stukken correct en wat betekent dit voor de medewerker. 
We zetten in op het waarom, wat en hoe. Het doel van de Wet open overheid goed doorgeven. Waarom doen we dit en wat levert ons dit op? Wat betekent dit voor ons? En Hoe passen we dit toe?

De ICT kant van informatiehuishouding en publicatiemogelijkheden 
Hoe slaan we gegevens op zodat we de documenten sneller vinden. Dit helpt niet alleen het actief publiceren, maar ook de interne samenwerking. Moeten hier nog correcties uitgevoerd worden? Daarnaast hebben we straks een platform nodig voor het publiceren van documenten.

Informatiehuishouding op orde
Gemeente Noardeast-Fryslân heeft een impactanalyse uitgevoerd. Onderdeel van de impactanalyse is het vaststellen van het ambitieniveau voor de gemeente Noardeast-Fryslân. Dit is vastgesteld op ambitieniveau 3 met een doorgroei naar ambitieniveau 2. Ambitieniveau 3 is openbaar maken wat wettelijk verplicht is en datgene wat toegevoegde waarde biedt. Ambitieniveau 2 is alles actief openbaar maken, tenzij er wettelijke uitzonderingsgronden van toepassing zijn. 

Paragraaf verbonden partijen

Inleiding

Terug naar navigatie - Inleiding

De meeste taken die worden uitgevoerd, zijn wettelijk opgedragen aan de uitvoerende gemeente. Dit betreft bijvoorbeeld de inzameling van huishoudelijk afval en de taken die de gemeente op zich neemt als gevolg van de decentralisatie. Daarnaast bestaan er taken die door de gemeente op eigen initiatief worden uitgevoerd, zoals sport en de exploitatie van gronden. Bij de uitvoering van de verschillende taken maakt de gemeente zelf de keuze om deze zelf te doen, of om de taken te laten uitvoeren door andere partijen.
Bij het maken van de keuzes wordt onder andere gekeken naar de volgende aspecten:
•    kunnen er (bedrijfseconomische) schaalvoordelen worden behaald?
•    wordt bij de uitvoering/dienstverlening een betere kwaliteit/dienstverlening gerealiseerd?
Indien wordt gekozen voor de uitvoering van de taak door een verbonden partij, kunnen daarin twee keuzes worden gemaakt, namelijk:
•    de activiteiten worden uitgevoerd door een partij waarin de gemeente geen zeggenschap heeft;
•     de activiteiten worden uitgevoerd door een partij waarin de gemeente wel zeggenschap heeft. 

Verbonden partij

Terug naar navigatie - Verbonden partij

Er is sprake van een verbonden partij als de gemeente in die organisatie een bestuurlijk én een financieel belang heeft. Dit is vastgelegd in het Besluit begroting en verantwoording. 
Definitie bestuurlijk belang: zeggenschap, hetzij uit hoofde van vertegenwoordiging in het bestuur hetzij uit hoofde van stemrecht.
Definitie financieel belang: een aan de verbonden partij ter beschikking gesteld bedrag dat niet verhaalbaar is indien de verbonden partij failliet gaat onderscheidenlijk het bedrag waarvoor aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt.

Beleidskader
Uit de definitie van een verbonden partij in het Besluit begroting en verantwoording blijkt dat sprake móet zijn van een financieel belang én een bestuurlijk belang. Als het alleen om een financieel belang of alleen om een bestuurlijk belang gaat, dan is er geen sprake van een verbonden partij. 

Overige belangrijke bepalingen zijn:
•    Artikel 5 BBV schrijft voor dat verbonden partijen niet geconsolideerd worden in de begroting en in de jaarstukken;
•    Artikel 8 lid 3 BBV schrijft voor dat de betrokkenheid van verbonden partijen bij de realisatie van de doelstellingen binnen een programma, moet worden opgenomen in het betreffende programma;
•    Artikel 9 lid 2 BBV meldt dat verbonden partijen verplicht moeten worden opgenomen in een aparte paragraaf verbonden partijen. Deze is daarmee onderdeel van de beleidsbegroting en het jaarverslag.

Soorten verbonden partijen
Er zijn twee soorten verbonden partijen, namelijk de publiekrechtelijke verbonden partij en de privaatrechtelijke verbonden partij.
•    Publiekrechtelijke verbonden partij
Bij de publiekrechtelijke verbonden partij gaat het om een samenwerking tussen overheden. Een dergelijke partij is opgericht op basis van de Wet gemeenschappelijke regelingen. Daarin regelen de deelnemende overheden onderling de vertegenwoordiging en de financiële aansprakelijkheid van de deelnemers. In het geval een gemeenschappelijke regeling niet meer aan zijn verplichtingen voldoet, dan zijn deelnemende partijen gezamenlijk verantwoordelijk voor een negatief saldo dat ontstaat. 


•    Privaatrechtelijke verbonden partij
Van een privaatrechtelijke verbonden partij is sprake als er wordt samengewerkt tussen overheden onderling of tussen overheden en private partijen. De samenwerking is in dat geval geregeld op basis van het Burgerlijk Wetboek. Bij privaatrechtelijke verbonden partijen wordt onderscheid gemaakt in:

-    verenigingen
-    commanditaire vennootschappen en onderlinge waarborgmaatschappijen;
-    naamloze vennootschappen;
-    besloten vennootschappen of stichtingen.

Voorschriften volgens BBV
In artikel 15 van het Besluit begroting en verantwoording staat welke informatie er bij de begroting en jaarrekening moet worden gepubliceerd. Het gaat dan om:
•    De visie op en de beleidsvoornemens over verbonden partijen; zie programma’s.
•    de lijst van verbonden partijen die wordt onderverdeeld in:
-    gemeenschappelijke regelingen;
-    vennootschappen en coöperaties;
-    stichtingen en verenigingen;
-    overige verbonden partijen.
In de lijst zal per verbonden partij de volgende informatie worden opgenomen:
•    de wijze waarop de gemeente een belang heeft;
•    het verwachte belang van de gemeente aan het begin en het einde van het begrotingsjaar;
•    de verwachte omvang van het eigen en vreemd vermogen aan het begin en het einde van het begrotingsjaar;
-    de verwachte omvang van het financieel resultaat;
-    de eventuele risico’s.

Risico’s
Bij elke verbonden partij is een kopje opgenomen van het risico dat de verbonden partij vormt voor de gemeente. Doet zich een risico voor dan is dit bij de verbonden partij vermeld. Geen risico komt tot uitdrukking in een plat streepje - .

Verbonden partijen
Volgens de regelgeving vanuit de commissie BBV-artikel 15 BBV lid 1 b geven we de bovenstaande informatie schematisch weer, in een lijst van verbonden partijen.
De gemeente heeft de volgende verbonden partijen:
•    Gemeenschappelijke regelingen;
-    GR Samenwerking Noardeast-Fryslân en Leeuwarden
-    GR Veiligheidsregio Fryslân
-    GR Sociaal Domein Fryslân
-    GR Welstandszorg Hûs en Hiem
-    GR Fryske Utfieringstsjinst Milieu en Omjouwing (FUMO)
-    GR Dokwurk
-    GR Mobiliteitsburo Noardeast-Fryslân
-    GR Recreatieschap de Marrekrite

•    Vennootschappen en coöperaties;
-    NV Kabeltelevisie Noordoost Friesland
-    Exploitatiemaatschappij Havencomplex Lauwersoog BV
-    NV Stedin groep
-    Afvalsturing Friesland NV(Omrin) (verwerken van afval)
-    Bank Nederlandse Gemeenten
-    Coöperatie Openbare Verlichting & Energie Fryslân u.a.

•    Stichtingen en verenigingen;
-    Stichting monumentenbehoud

-    IJswegencentrale Oostergo
-    Vereniging van Nederlandse Gemeenten
-    Vereniging van Friese Gemeenten
-    Vereniging van Waddenzeegemeenten

•    Overige verbonden partijen;
-    Geen

Gemeenschappelijke regelingen

Terug naar navigatie - Gemeenschappelijke regelingen
Centrumregeling samenwerking Noardeast-Fryslân en Leeuwarden (Shared Servicecentrum Leeuwarden) 

Juridische status: Gemeenschappelijke regeling met centrumgemeente

Programma’s: 1 Ynwenner en Bestjoer

Openbaar en wijze van belang:
Openbaar belang:
De regeling wordt getroffen i.v.m. het tot stand brengen van goede facilitaire voorzieningen (ICT) ter ondersteuning van de uitvoering van de gemeentelijke taken van openbaar belang waarvoor goede ICT-voorzieningen noodzakelijk zijn. Het gaat om bundeling van kennis, personeel en ervaring t.b.v. de openbare dienstverlening aan de burgers (art 2 centrumregeling).

Wijze van belang:
•    Bestuurlijk belang: 
-   De gemeente Leeuwarden is centrumgemeente als bedoeld in artikel 8 lid 4 van de Wet gemeenschappelijke regelingen (art 3 centrumregeling)
-   Het college van B&W van Noardeast-Fryslân verleent bij separaat vast te stellen besluit mandaten, volmachten en machtigingen aan het college van B&W van de centrumgemeente, die nodig zijn om de in het kader van deze regeling te sluiten Service Level Agreement (SLA) en andere te sluiten overeenkomsten, uit te voeren met het Shared Service Centrum. Het college van de centrumgemeente stemt in met de verleende mandaten etc. zoals bedoeld in dit artikel 4 centrumregeling.


•    Financieel belang (art 5 centrumregeling): 
-   In het SLA is nadere uitwerking gegeven aan de regeling.
-   In het SLA en de Servicecatalogus zijn geregeld:
•    De uitvoeringskaders;
•    De kwaliteitseisen van de taakuitoefening;
•    De verdeelsleutel en de wijze waarop Noardeast-Fryslan een financiële bijdrage levert in de kosten die de centrumgemeente maakt voor de uitvoering van de taken.

Financieel belang:

  Jaar Jaarrekening 1-1
(x € 1.000)
Jaarrekening 31-12
(x  € 1.000)
Financieel belang 2023 p.m. p.m.
Eigen vermogen 2023 p.m. p.m.
Vreemd vermogen 2023 p.m. p.m.

Omvang financieel resultaat jaarrekening: Voor het jaarrekening jaar 2023: Een centrumregeling heeft geen rechtspersoonlijkheid en dus geen baten, lasten of resultaat als zodanig.

Risico’s (kwantificeerbaar of niet-kwantificeerbaar): -

 

Veiligheidsregio Fryslân 

Juridische status: Gemeenschappelijke regeling met openbaar lichaam

Programma’s: 1 Ynwenner en Bestjoer en 3 Soarch en Wolwêzen

Openbaar en wijze van belang:
Openbaar belang:
De Veiligheidsregio Fryslân is een gemeenschappelijke regeling per 1-1-2014 van alle Friese gemeenten en verzorgt de wettelijke taken op het gebied van veiligheid en gezondheid voor de inwoners van de provincie Fryslân. Activiteiten betreffen o.a. publieke gezondheidszorg, brandweerzorg, geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen, en het beheer van een gemeenschappelijke meldkamer, het zijn van een platform voor samenwerking voor geallieerde diensten en partners etc.

Wijze van belang:
•    Bestuurlijk belang: 
-      Het algemeen bestuur van de regio bestaat overeenkomstig art. 11, lid 1 van de wet, uit de burgemeesters van de deelnemende gemeenten;
-      Het dagelijks bestuur bestaat uit:
a.    de voorzitter van het algemeen bestuur;
b.    de voorzitter van de agendacommissie Gezondheid en een lid aan te wijzen uit en door de agendacommissie Gezondheid;
c.    de voorzitter van de agendacommissie Veiligheid en een lid aan te wijzen uit en door de agendacommissie Veiligheid.
De agendacommissie is een bestuurscommissie volgens art 25 Wgr.


•    Financieel belang (art 5 centrumregeling):
Voor de verdeling van de kosten wordt als verdeelsleutel gehanteerd het aantal inwoners van de gemeenten volgens de door het Centraal Bureau voor de Statistiek openbaar gemaakte bevolkingscijfers per 1 januari van het jaar, voorafgaande aan dat, waarvoor de bijdrage verschuldigd is. De deelnemende gemeenten dragen er zorg voor dat de regio te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan zijn verplichtingen te kunnen voldoen.

Financieel belang:

  Jaar 2025 Begroting 1-1 (x € 1.000) Begroting 31-12
(x € 1.000)
Financieel belang 2025 6.037 6.037
Eigen vermogen 2025 6.973 6.493
Vreemd vermogen 2025 93.559 102.023

Omvang financieel resultaat: Begroting 2025: 0

Risico’s (kwantificeerbaar of niet-kwantificeerbaar): -

 

Centrumregeling samenwerking Sociaal Domein Fryslân 2018

Juridische status: Gemeenschappelijke regeling met centrumgemeente

Programma’s: 3 Soarch en Wolwêzen

Openbaar en wijze van belang:
Openbaar belang:
Alle Friese gemeenten zijn een centrumregeling samenwerking Sociaal Domein Fryslân 2018 aangegaan met als centrumgemeente de gemeente Leeuwarden. Het doel is de beleidsvoorbereiding ten behoeve van de wettelijke taken op terrein van jeugdzorg, maatschappelijke ondersteuning en participatie en de inkoop ten behoeve van wettelijke taken op het terrein van jeugdzorg en maatschappelijke ontwikkeling doelmatig en kwalitatief hoogwaardig te organiseren met de Friese gemeenten. Bij raadsbesluit van 15 december 2021 is de centrumregeling opnieuw vastgesteld.

Wijze van belang:
•    Bestuurlijk belang: 
-      De gemeente Leeuwarden is een centrumgemeente als bedoeld in art 8 lid 4 Wet gemeenschappelijke regelingen.
-      De centrumgemeente wordt mandaat, volmacht en machtiging verleend door de gastgemeenten om de taken op het terrein van het sociaal domein, waaronder o.a. WMO, Jeugdwet, Participatiewet, namens de gastgemeenten uit te voeren, volgens de bepalingen in de gemeenschappelijke regeling.


•    Financieel belang:
De kosten voor de dienstverlening bestaan uit kosten voor instandhouding en kosten voor taakuitvoering. De kosten voor instandhouding worden onder gemeenten verdeeld op basis van inwoneraantal van elke gemeente met peildatum 1 januari van jaar t-1. De kosten voor uitvoering van taken worden verdeeld onder gemeenten op basis van het percentuele aandeel dat een gemeente toekomt in het totaal van aantallen cliënten op basis van de Jeugdwet, zoals meest recentelijk vastgesteld door het Centraal Bureau voor Statistiek, op peildatum 1 januari van jaar t-1. Dit geldt voor zowel de uitvoering van taken in het kader van de verplichte wettelijke samenwerking als voor de vrijwillige samenwerking voor de Jeugdwet. De totale kosten worden nagecalculeerd en volledig doorberekend aan de deelnemende gemeenten.

Financieel belang:

  Jaar Jaarrekening 1-1 (x € 1.000) Jaarrekening 31-12
(x € 1.000)
Financieel belang 2025 497 497
Eigen vermogen 2025 0 0
Vreemd vermogen 2025 0 0

Omvang financieel resultaat jaarrekening: 0

Risico’s (kwantificeerbaar of niet-kwantificeerbaar): -

Welstandszorg Hûs en Hiem 

Juridische status: Gemeenschappelijke regeling met openbaar lichaam

Programma’s: 5 Wenjen en omjouwing

Openbaar en wijze van belang:
Openbaar belang:
Het voorzien van de gemeenten in de welstandsadvisering als bedoeld in de Woningwet en advisering over toepassing van de Monumentenwet.

Wijze van belang:
•    Bestuurlijk belang: 
-      Het algemeen bestuur bestaat uit zoveel leden als het aantal deelnemende gemeenten bedraagt.
-      De raden wijzen hetzij hun voorzitter, hetzij een wethouder van hun gemeente als lid en als plaatsvervangend lid aan.
-      Op grond van artikel 13 van de gemeenschappelijke regeling wordt het dagelijks bestuur benoemd uit het algemeen bestuur.


•    Financieel belang:
-      De gemeente is aansprakelijk voor de financiële tekorten bij Welstands-zorg Hûs en Hiem. Bekostiging geschiedt via een jaarlijkse bijdrage op begrotingsbasis en rekeningbasis.

Financieel belang:

  Jaar Jaarrekening 1-1 (x €1.000) Jaarrekening 31-12
(x € 1.000)
Financieel belang 2022 99 99
Eigen vermogen 2022 455 338
Vreemd vermogen 2022 136 484

Omvang financieel resultaat: Jaarrekening 2022 x € 1000: -/- 109

Risico’s (kwantificeerbaar of niet-kwantificeerbaar): -

Fryske Utfieringstsjinst Miljeu en Omjouwing (FUMO) 

Juridische status: Gemeenschappelijke regeling met openbaar lichaam

Programma’s: 5 Wenjen en omjouwing

Openbaar en wijze van belang:
Openbaar belang:
De FUMO is bedoeld voor de uitvoering van taken en bevoegdheden ten behoeve van de deelnemers op het gebied van het milieu- en omgevingsrecht in ruime zin in het algemeen en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht in het bijzonder. Alsmede taken en bevoegdheden op het terrein van vergunningverlening, handhaving en toezicht op grond van de in artikel 5.1 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.
Het openbaar lichaam heeft de volgende taken:
•    basistakenpakket: het ten behoeve van de deelnemers uitvoeren van adviserende, voorbereidende en uitvoerende taken die behoren tot het zogenoemde basistakenpakket, zoals opgenomen in Bijlage 1 van de gemeenschappelijke regeling FUMO 2017.
•    aanvullend takenpakket (facultatief): het ten behoeve van de deelnemers uitvoeren van niet tot het basistakenpakket behorende adviserende, voorbereidende en uitvoerende taken op het terrein van het milieu- en omgevingsrecht, voor zover de betreffende deelnemer daartoe een besluit heeft genomen;
•    adviserende en voorbereidende taken t.b.v. bezwaarprocedures, administratief beroepsprocedures en rechtsgedingen;
•    de advisering over en voorbereiding van besluiten op grond van de Wet openbaarheid van bestuur;
•    het adviseren over en ontwikkelen van strategische en operationele beleidskaders op het terrein van het milieu- en omgevingsrecht;
•    het in stand houden van een Milieualarm-nummer.

Wijze van belang:
•    Bestuurlijk belang: 
-    Gedeputeerde staten wijzen uit hun midden twee leden aan van het algemeen bestuur;
-    De deelnemers ( de colleges van burgemeester en wethouders, het dagelijks bestuur van Wetterskip Fryslân) wijzen elk uit hun midden één lid aan van het algemeen bestuur;
-    Het dagelijks bestuur bestaat uit vijf leden, de voorzitter inbegrepen, door en uit het algemeen bestuur aan te wijzen.


•    Financieel belang:
-    De kosten van het basispakket wordt toegerekend op basis van het aantal inrichtingen maal een bedrag per type inrichting;
-    De kosten van de overige taken worden toegerekend op basis van de totale inzet van personeel in uren maal een uurtarief.

Financieel belang:

  Jaar Begroting 1-1 (x € 1.000) Begroting 31-12
(x € 1.000)
Financieel belang 2025 1.399 1.399
Eigen vermogen 2025 1.200 1.200
Vreemd vermogen 2025 3.200 3.200

Omvang financieel resultaat: Begroting 2025 :0 

Risico’s (kwantificeerbaar of niet-kwantificeerbaar): -

Dokwurk (Voor 1-8-2021 Leer- werkbedrijf Noardeast-Fryslân)

Juridische status: Gemeenschappelijke regeling met openbaar lichaam voor Dantumadiel en de gemeente Noardeast-Fryslân 

Programma’s: 3 Soarch en Wolwêzen en 6 Iepenbiere Romte

Openbaar en wijze van belang:
Openbaar belang:
Het openbaar lichaam behartigt de gemeenschappelijke en afzonderlijke belangen van de deelnemende gemeenten op het gebied van gesubsidieerde arbeid en (arbeids)re-integratie van de doelgroepen die vallen onder de Participatiewet en de Wet Sociale Werkvoorziening.

Wijze van belang:
•    Bestuurlijk belang: 
-     Het algemeen bestuur bestaat uit twee leden per deelnemende gemeente. De gemeenschappelijke regeling is door de colleges van burgemeester en wethouders aangegaan.
-     Het dagelijks bestuur, door en uit het algemeen bestuur gekozen, is zodanig samengesteld dat elke deelnemende gemeente is vertegenwoordigd, waaronder begrepen de voorzitter en een eventueel lid/eventuele leden buiten de kring van het algemeen bestuur


•    Financieel belang:
-     Iedere deelnemende gemeente verbindt zich in beginsel om de volledige rijksmiddelen (inclusief eventueel bijzondere subsidiecomponenten), voor zover deze zijn bedoeld voor de realisatie van de in artikel 3 van de gemeenschappelijke regeling aan het openbaar lichaam opgedragen taken en de gemeentelijke bijdrage op basis van de begroting, op tijd en onverkort te voldoen aan het openbaar lichaam.
-     De deelnemende gemeenten zullen echter steeds zorg voor dragen dat het openbaar lichaam te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan al zijn verplichtingen richting derden te voldoen.

Financieel belang:

  Jaar Begroting 1-1 (x € 1.000) Begroting 31-12
(x € 1.000)
Financieel belang 2025 10.519 10.519
Eigen vermogen 2025 11.461 10.721
Vreemd vermogen 2025 12.658 12.243

Omvang financieel resultaat: Begroting 2025: 0

Risico’s (kwantificeerbaar of niet-kwantificeerbaar): -

Bedrijfsvoeringsorganisatie Mobiliteitsbureau Noordoost Fryslân 

Juridische status: Gemeenschappelijke regeling met bedrijfsvoeringsorganisatie

Programma’s: 3 Soarch en Wolwêzen

Openbaar en wijze van belang:
Openbaar belang:
De gemeenten: Achtkarspelen, Dantumadiel, Noardeast-Fryslân en Tytstjerksteradiel en de provincie Fryslân hebben besloten om samen te werken in de regio Noordoost Fryslân op het gebied van het regionale doelgroepenvervoer en openbaar vervoer, dit om de leefbaarheid in de regio Noord Oost Fryslân te behouden. Daarvoor hebben zij besloten de gemeenschappelijke regeling Bedrijfsvoeringsorganisatie Mobiliteitsbureau Noordoost Fryslân te treffen.

Wijze van belang:
•    Bestuurlijk belang: 
-    De deelnemende gemeenten en provincie nemen het in de begroting van het mobiliteitsbureau Noordoost Fryslân voor hen geraamde bedrag voor hun gemeente respectievelijk provincie op in hun begroting.
-    Opheffing
De regeling wordt opgeheven wanneer de colleges van twee derde van de deelnemers daartoe besluiten.
Het liquidatieplan voorziet in de verplichting van het bestuur van de deelnemende gemeenten en provincie tot het bijdragen in de financiële gevolgen van de beëindiging.

•    Financieel belang:
-    Artikel 19 GR Bedrijfsvoeringsorganisatie Mobiliteitsburo NOF 
-    Variabele vervoerskosten op basis van gebruik vertaald in gebruikseenheden;
-    Vaste kosten op basis van aantal leerlingen voor regiekosten op het routevervoer en aantal ritten voor de regiekosten van het vraagafhankelijke vervoer;
-    Vaste kosten van het mobiliteitsbureau voor de deelnemende gemeenten op basis van het aantal inwoners

Financieel belang:

  Jaar Begroting 1-1 (x € 1.000) Begroting 31-12
(x € 1.000)
Financieel belang 2025 2.624 2.624
Eigen vermogen 2025 0 0
Vreemd vermogen 2025 1.038 1.026

Omvang financieel resultaat: Begroting 2025: 0

Risico’s (kwantificeerbaar of niet-kwantificeerbaar): -

Marrekrite 

Juridische status: Gemeenschappelijke regeling met openbaar lichaam

Programma’s: 4 Wurk, Bedriuw en Rekreaasje

Openbaar en wijze van belang:
Openbaar belang:
De Marrekrite behartigt binnen de opgedragen taken de gemeenschappelijke belangen van de colleges, met als doel een evenwichtige en gecoördineerde ontwikkeling van de recreatie in de provincie Fryslân, rekening houdende met de belangen van natuur en landschap. 
De Marrekrite heeft als taak ter behartiging van het openbaar belang:
•    Het bevorderen van waterrecreatie
•    Het bevorderen van landrecreatie
•    Advisering en ontwikkeling (water- en landrecreatie)

Wijze van belang:
•    Bestuurlijk belang: 
-     Het colleges van Gedeputeerde staten en de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten wijzen elk één lid en tenminste één plaatsvervangend lid aan van het algemeen bestuur. De aanwijzing vindt zo spoedig mogelijk plaats.
-     Het dagelijks bestuur bestaat uit de voorzitter en vijf andere leden, door en uit het algemeen bestuur aan te wijzen.


•    Financieel belang:
-    De geldmiddelen van De Marrekrite worden gevormd door de bijdragen van de colleges en subsidies, schenkingen en overige bijdragen en inkomsten.
-    Voor zover de kosten van De Marrekrite niet worden gedekt door subsidies, schenkingen en overige bijdragen en inkomsten wordt hierin als volgt voorzien: gedeputeerde staten: 45%; colleges van burgemeester en wethouders gezamenlijk: 55%.
-    Het algemeen bestuur stelt de verdeelsleutel vast, op grond waarvan de gezamenlijke bijdrage van de colleges over afzonderlijke gemeenten wordt omgeslagen.
-    De nieuwe bijdrageregeling zal vanaf de begroting 2023 van toepassing zijn. De nieuwe parameters zijn:
•    Domein water: Inwoners: 30%; Meters “steigers”: 40%; Meters “damwand”: 30%
•    Domein land: Inwoners: 30%; Kilometers fietsnetwerk: 40%; Kilometers Wandelnetwerk: 30%
•    Indexatie van 2%.

Financieel belang:

  Jaar Begroting 1-1 (x € 1.000) Begroting 31-12
(x € 1.000)
Financieel belang 2025 69 69
Eigen vermogen 2025 3.944 3.648
Vreemd vermogen 2025 6.253 7.517

Omvang financieel resultaat: Begroting 2025, x € 1.000: -/- 37

Risico’s (kwantificeerbaar of niet-kwantificeerbaar): -

Vennootschappen en coöperaties

Terug naar navigatie - Vennootschappen en coöperaties
NV Kabeltelevisie Noordoost Friesland 

Juridische status: Naamloze vennootschap

Programma’s: Algemiene dekkingsmiddels, Overhead, Heffing VPB en Onvoorzien

Openbaar en wijze van belang:
Openbaar belang:
De aanleg, het beheer, het onderhoud, de instandhouding en de exploitatie van centrale antenne inrichtingen met bijbehorende kabelnetten in de gemeente. 

Wijze van belang:
•    Bestuurlijk belang: 
Stemrecht op grond van aandelen.


•    Financieel belang:
De gemeente Noardeast-Fryslân bezit een groot deel van de aandelen in NV Kabeltelevisie Noordoost Friesland, maar is niet aansprakelijk voor de ontstane tekorten. Het totaal aandelenbezit voor Noardeast-Fryslân is 54,85 % (5.485 x € 50). Bij de jaarrekening 2016 is besloten geen dividend uit te keren. De gegevens over de aandelen is gebaseerd op de jaarrekening 2016 en zijn in 2023 niet gewijzigd. 

Financieel belang:

  Jaar Jaarrekening 1-1 (x € 1.000) Jaarrekening 31-12
(x € 1.000)
Financieel belang 2023 274 274
Eigen vermogen 2023 12.651 12.465
Vreemd vermogen 2023 41.727 44.634

Omvang financieel resultaat: Jaarrekening 2023, x € 1.000:  -/- 2.186

Risico’s (kwantificeerbaar of niet-kwantificeerbaar): -

Exploitatiemaatschappij Havencomplex Lauwersoog BV 

Juridische status: Besloten vennootschap

Programma’s: Algemiene dekkingsmiddels, Overhead, Heffing VPB en Onvoorzien

Openbaar en wijze van belang:
Openbaar belang:
De regionale economische ontwikkeling en de werkgelegenheid in de haven.

Wijze van belang:
•    Bestuurlijk belang: 
Bezit van aandelen, op grond waarvan de gemeente stemrecht heeft.


•    Financieel belang:
De gemeente Noardeast-Fryslân (voormalige gemeente Dongeradeel) bezit een groot deel van de aandelen (45%) in de Exploitatiemaatschappij Havencomplex Lauwersoog, maar is niet aansprakelijk voor de ontstane tekorten. De waarde van het totale aandelenkapitaal is € 18.151.

Financieel belang:

  Jaar Jaarrekening 1-1 (x € 1.000) Jaarrekening 31-12
(x € 1.000)
Financieel belang 2023 18 18
Eigen vermogen 2023 406 484
Vreemd vermogen 2023 1.212 878

Omvang financieel resultaat jaarrekening: Jaarrekening 2023, x € 1.000: 78

Risico’s (kwantificeerbaar of niet-kwantificeerbaar): -

NV Stedin groep 

Juridische status: Naamloze vennootschap

Programma’s: Algemiene dekkingsmiddels, Overhead, Heffing VPB en Onvoorzien

Openbaar en wijze van belang:
Openbaar belang:
Stedin is een netbeheerder die elektriciteits- en gasnetten aanlegt, beheert en toekomstbestendig maakt. Stedin faciliteert de energiemarkt.

Wijze van belang:
•    Bestuurlijk belang: 
Bezit van aandelen, op grond waarvan de gemeente stemrecht heeft.


•    Financieel belang:De gemeente heeft in totaal 26.870 gewone aandelen en 4.273 preferente aandelen. Vanwege de gemeentelijke fusie zijn deze aandelen per 1-1-2019 overgenomen van de voormalige gemeenten Dongeradeel, Ferwerderadiel en Kollumerland c.a.

De waarde van één aandeel is € 100 conform de jaarrekening 2023 van de Stedin Groep. Het totaal aantal geplaatste en volgestorte aandelen is 6.058.800 (pagina 183 van het jaarverslag van Stedin Groep).

Financieel belang:

  Jaar Jaarrekening 1-1 (x € 1.000) Jaarrekening 31-12
(x € 1.000)
Financieel belang 2023 3.114 3.114
Eigen vermogen 2023 2.589.000 3.221.000
Vreemd vermogen 2023 3.715.000 4.408.000

Omvang financieel resultaat: Jaarrekening 2023, x € 1.000: 170.000

Risico’s (kwantificeerbaar of niet-kwantificeerbaar): -

Ontwikkelingen: In de afgelopen periode zijn veel acties geweest om ervoor te zorgen dat Stedin over voldoende kapitaal beschikt voor de noodzakelijke investeringen in betrouwbare netten en de energietransitie. In 2021 hebben de aandeelhouders gezamenlijk € 200 miljoen gestort. In 2023 is de Staat als medeaandeelhouder toegetreden, met een kapitaalinjectie van € 500 miljoen. In 2024 zijn ook de provincies Utrecht en Zeeland aandeelhouder geworden, en nog 7 Utrechtse en 12 Zeeuwse gemeenten. Door de toetreding van andere partijen is de relatieve aandelenbelang iets gedaald. Dit past in het streven naar een evenwichtig aandeelhouderschap.

Afvalsturing Friesland (Omrin) (verwerken van afval)

Juridische status: Naamloze vennootschap

Programma’s: Algemiene dekkingsmiddels, Overhead, Heffing VPB en Onvoorzien

Openbaar en wijze van belang:
Openbaar belang:
Uitvoeren van de wettelijke taak huishoudelijk en bedrijfsafval te verwerken op basis van contractafspraken met de gemeente. Doelstelling is dit op een doelmatige, milieu hygiënisch verantwoorde manier te doen en preventie en hergebruik van afval actief te bevorderen.

Wijze van belang:
•    Bestuurlijk belang: 
Stemrecht op basis van aandelen. De N.V. heeft 3.001 gewone aandelen A met een waarde van € 450 per stuk en 840 gewone aandelen B. Van de 3001 aandelen A zijn er 3.000 aandelen in bezit van de Friese gemeenten. Eén aandeel A is in handen van de GR OLAF en 840 aandelen B zijn in handen van gemeenten buiten Friesland.


•    Financieel belang:
De gemeente Noardeast-Fryslân (DFK) is op twee manieren betrokken bij Omrin, als aandeelhouder en als klant/leverancier van afval. Het aandeel staat op de balans per 31-12-2023 met de historische aanschafwaarde van € 74.874.

Financieel belang:

  Jaar Jaarrekening 1-1- (x € 1.000) Jaarrekening 31-12
(x € 1.000)
Financieel belang 2023 75 75
Eigen vermogen 2023 70.303 78.528
Vreemd vermogen 2023 40.671 36.732

Omvang financieel resultaat: Jaarrekening 2023 x € 1000: 10.322

Risico’s (kwantificeerbaar of niet-kwantificeerbaar): -

Bank Nederlandse Gemeenten (BNG)

Juridische status: Naamloze vennootschap

Programma’s: Algemiene dekkingsmiddels, Overhead, Heffing VPB en Onvoorzien

Openbaar en wijze van belang:
Openbaar belang:
Efficiënt betalingsverkeer van gemeenten.

Wijze van belang:
•    Bestuurlijk belang: 
Stemrecht op basis van aandelen.


•    Financieel belang:
De gemeente Noardeast-Fryslân bezit een groot aantal aandelen, met een totale waarde per 31-12-2023 van € 286.040.

Financieel belang:

  Jaar Jaarrekening 1-1 (x € 1.000) Jaarrekening 31-12
x € 1.000)
Financieel belang 2023 286 286
Eigen vermogen 2023 4.615.000 4.721.000
Vreemd vermogen 2023 107.471.000 110.834.000

Omvang financieel resultaat: Jaarrekening 2023 x € 1.000: 254.000

Risico’s (kwantificeerbaar of niet-kwantificeerbaar): -

Coöperatie Openbare Verlichting & Energie Fryslân U.A.

Juridische status: Coöperatie

Programma’s: 6 Iepenbare Romte

Openbaar en wijze van belang:
Openbaar belang:
Het inkopen van energie (Energie-Diensten) ten behoeve van de deelnemende gemeenten in Fryslân en datgene wat daarmee verband houdt. Het beheer en onderhoud van openbare verlichting (OVL-diensten) en van laadinfrastructuur voor elektrische vervoersmiddelen (Laadinfra-Diensten) ten behoeve van de deelnemende gemeenten in Fryslân. 

Wijze van belang:
•    Bestuurlijk belang: 
De gemeente Noardeast-Fryslân is een gewoon lid van deze vereniging en heeft stemrecht.
De gemeente heeft de plicht om de diensten van de coöperatie af te nemen. Hiervoor moet een overeenkomst worden afgesloten.


•    Financieel belang:
De leden van de coöperatie delen in de winst en het verlies van de coöperatie naar rato van de door hen in het betreffende boekjaar afgenomen OVL-Diensten, Energie-Diensten en Laadinfra-Diensten. Deze toekenning heeft plaats bij op door de raad van commissarissen goedgekeurd voorstel van de directie genomen besluit van de algemene ledenvergadering.

Financieel belang:

  Jaar

Jaarrekening 1-1

(x € 1.000)

Jaarrekening 31-12
(x € 1.000)
Financieel belang 2023 p.m. p.m.
Eigen vermogen 2023 426 129
Vreemd vermogen 2023 103 2.575

Omvang financieel resultaat: Jaarrekening 2023, x € 1.000: -/- 237

Risico’s (kwantificeerbaar of niet-kwantificeerbaar): -

Stichtingen en verenigingen

Terug naar navigatie - Stichtingen en verenigingen
Stichting monumentenbehoud

Juridische status: Stichting

Programma’s: 5 Wenjen en omjouwing

Openbaar en wijze van belang:
Openbaar belang:
Het in stand houden en beschermen van de monumenten als bedoeld in de monumentenwet. Het werkgebied is de voormalig gemeente Dongeradeel.

Wijze van belang:
•    Bestuurlijk belang: 
-    De voorzitter van het dagelijks bestuur wordt door de raad van de gemeente Noardeast-Fryslân voorgedragen en vervult de functie van voorzitter.
-    Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Noardeast-Fryslân keuren de begroting en jaarrekening goed.
•    Financieel belang:
De voormalige gemeente Dongeradeel, nu gemeente Noardeast-Fryslân, heeft bij de oprichting in 1993 een startkapitaal van € 454 (=1000 gulden) ingebracht.

Financieel belang:

  Jaar Jaarrekening 1-1 (x € 1.000) Jaarrekening 31-12
(x € 1.000)
Financieel belang 2023 0,4 0,4
Eigen vermogen 2023 650 663
Vreemd vermogen 2023 278 248

Omvang financieel resultaat jaarrekening: Jaarrekening 2023, € 1.000: 13

Risico’s (kwantificeerbaar of niet-kwantificeerbaar): -

Stichting Ijswegencentrale

Juridische status: Stichting

Programma’s: 4 Wurk, Bedriuw en Rekreaasje

Openbaar en wijze van belang:
Openbaar belang:
De gemeenten Dantumadiel, Noardeast-Fryslân en Leeuwarderadeel hebben een IJswegencentrale opgericht met als doel het organiseren van schaatstochten in de regio bij voldoende ijsdikte.

Wijze van belang:
•    Bestuurlijk belang: 
Het bestuur bestaat uit 15 leden, 3 afgevaardigden uit elke deelnemende gemeente. Het college van b&w doet een bindende voordracht: één afgevaardigde is de burgemeester,één afgevaardigde is het hoofd gemeentewerken en een derde persoon.

•    Financieel belang:
De gemeenten Dantumadiel, Noardeast-Fryslân en Leeuwarderadeel geven een bijdrage van 0,045 per inwoner.

Financieel belang:

                                 Jaar   Jaarrekening 1-1 (x € 1.000)  Jaarrekening 31-12 (x € 1.000) 
Financieel belang                                                                                                                                              2023        2 2
Eigen vermogen 2023 64 64
Vreemd vermogen 2023 0

0

Omvang financieel resultaat jaarrekening: 0

Risico’s (kwantificeerbaar of niet-kwantificeerbaar: -

Vereniging van Friese Gemeenten

Juridische status: Vereniging

Programma's: 1 Ynwenner en Bestjoer

Openbaar en wijze van belang:
Openbaar belang:
De Vereniging van Friese Gemeenten behartigt de belangen voor alle 18 Friese gemeenten.

Wijze van belang:
•    Bestuurlijk belang:
Lidmaatschap van de vereniging met stemrecht.

•    Financieel belang: 
-    De leden betalen contributie.
-    De gemeente Noardeast-Fryslân betaald in 2025 € 31.648 contributie

Financieel belang:

  Jaar Jaarrekening 1-1 (x € 1.000) Jaarrekening 31-12 (x € 1.000)
Financieel belang                                                                                                                                                                             2025 32 32
Eigen vermogen 2025 p.m. p.m.
Vreemd vermogen 2025 p.m. p.m.

Omvang financieel resultaat jaarrekening: geen gegevens

Risico’s (kwantificeerbaar of niet-kwantificeerbaar: -

Vereniging van Nederlandse Gemeenten

Juridische status: Vereniging

Programma's: 1 Ynwenner en Bestjoer

Openbaar en wijze van belang:
Openbaar belang:
De Vereniging van Nederlandse Gemeenten behartigd de belangen voor alle Nederlandse gemeenten.

Wijze van belang:
•    Bestuurlijk belang:
Lidmaatschap van de vereniging met stemrecht, conform de statuten.

•    Financieel belang: 
-    De leden betalen contributie.
-    De gemeente Noardeast-Fryslân betaald in 2025 € 80.661 contributie

Financieel belang:

                                       Jaar Jaarrekening 1-1 (x € 1.000) Jaarrekening 31-12 (x € 1.000)
Financieel belang                                                                                                                                                                                                    2025 81 81
Eigen vermogen 2023 51.704 56.301
Vreemd vermogen 2023 99.059

92.686

Omvang financieel resultaat: Jaarrekening 2023, x € 1.000: 3.758

Risico’s (kwantificeerbaar of niet-kwantificeerbaar: -

Vereniging van Waddenzee Gemeenten

Juridische status: Vereniging

Programma's: 1 Ynwenner en Bestjoer

Openbaar en wijze van belang:
Openbaar belang:
Deze vereniging treedt op als belangenorganisatie voor alle Waddenzee gemeenten.

Wijze van belang:
•    Bestuurlijk belang:
De gemeente Noardeast-Fryslân is lid van deze vereniging en heeft stemrecht.

•    Financieel belang: 
De gemeente betaalt in 2024  € 73.139 contributie

Financieel belang:

  Jaar Jaarrekening 1-1
(x € 1.000)
Jaarrekening 31-12
(x € 1.000)
Financieel belang                                                                                                     2023 73 73
Eigen vermogen           2023 -6 136
Vreemd vermogen 2023 263

50

Omvang financieel resultaat: Jaarrekening 2023, x € 1.000: 142

Risico’s (kwantificeerbaar of niet-kwantificeerbaar: -

Paragraaf grondbeleid

Inleiding

Terug naar navigatie - Inleiding

De woningmarkt trekt de komende jaren weer aan. De stabiliserende hypotheekrente en stijgende lonen zorgen ervoor dat de vraag naar woningen toeneemt (Outlook grondexploitaties 2024, 2023).

Nota Grondbeleid 2024-2027

Terug naar navigatie - Nota Grondbeleid 2024-2027

In 2024 is de Nota Grondbeleid 2024-2027 door het college vastgesteld. In de Nota Grondbeleid 2024-2027 zijn de hoofdlijnen van het te voeren grondbeleid vastgelegd. Tevens worden onderstaande doelen nagestreefd:
-    Het te voeren grondbeleid aanpassen aan de actuele wet- en regelgeving.
-    De raad kaders voor het te voeren grondbeleid vast laten stellen.
-    De uitvoeringsplannen baseren op het vastgestelde grondbeleid.
-    Het creëren van duidelijkheid over grondverwerving en de uitgifte van gronden.
-    Het bieden van inzicht in de wijze waarop grondprijzen tot stand komen.
Het grondbeleid heeft betrekking op de wijze waarop de gemeente haar instrumenten van grondbeleid zo optimaal mogelijk kan inzetten om de beleidsdoelstellingen binnen de gemeentelijke programma’s te verwezenlijken. 

Ten aanzien van het te voeren grondbeleid kiest de gemeente primair voor een actief grondbeleid. In gebieden waar de gemeente invloed wil uitoefen op de ontwikkeling c.q. het noodzakelijk is om een ontwikkeling conform de gemeentelijke randvoorwaarden te realiseren, is het mogelijk om actief grondbeleid te voeren. In dit geval is het van belang dat het financiële risico op zowel korte termijn als lange termijn aanvaardbaar is. In het geval van actief grondbeleid zal de raad ten alle tijden in kennis gesteld worden.

Grondexploitatiecomplexen

Terug naar navigatie - Grondexploitatiecomplexen

Aan het begin van het boekjaar waren er acht complexen in exploitatie. Gedurende het boekjaar zijn er geen complexen in exploitatie genomen. Aan het einde van het boekjaar zijn er geen complexen afgesloten. 

In Tabel 1. Totaaloverzicht grondexploitatiecomplexen. is het verloop van de boekwaarde gedurende het boekjaar, de totale winstneming en de balanswaarde aan het einde van het boekjaar na actualisatie per grondexploitatiecomplex gespecificeerd. De boekwaarde van de grondexploitatiecomplexen betreft het saldo van de gerealiseerde kosten en de gerealiseerde opbrengsten. In het geval van een positieve boekwaarde zijn de gerealiseerde kosten hoger dan de gerealiseerde opbrengsten. In het geval van een negatieve boekwaarde zijn de gerealiseerde opbrengsten hoger dan de gerealiseerde kosten. 

Grondexploitatiecomplex Afsluiting

Boekwaarde

01-01-2025

Boekwaarde 

31-12-2025

Totale 

winstneming

Balanswaarde
Betterwird fase 1A, 
Dokkum
31-12-2028 € 106.436 - € 127.788 € 321.586 € 193.798
Betterwird fase 2, 
Dokkum
31-12-2031 € 3.956.961 € 2.671.085 € 178.864 € 2.849.949
PDV fase 3, 
Dokkum
31-12-2026 € 839.010 € 670.328 € 19.958 € 690.285
Tusken de Fearten, 
Dokkum
31-12-2028 € 665.308 € 338.238 € 78.339 € 416.577
De Morgenzon, 
Holwert
31-12-2030 € 479.673 € 297.183 € 15.879 € 313.062
Cedelshof fase 3, Kollumersweach 31-12-2028 € 363.801 € 129.575 n.v.t. € 129.575
Easterstrjitte-Sinnebuorren, Marrum  31-12-2026 € 214.941 € 48.887 € 7.019 € 55.907
De Dwarsikkers, Westergeast 31-12-2026 - € 17.215 - € 105.634 € 17.749 - € 87.885
Totaal   € 6.608.914 € 3.921.873 € 639.395 € 4.561.268

Tabel 1. Totaaloverzicht grondexploitatiecomplexen.

 Het te verwachten resultaat van de grondexploitatiecomplexen tezamen bedraagt op basis van de eindwaarde na actualisatie € 1.477.588.

Winstneming grondexploitatiecomplexen

Terug naar navigatie - Winstneming grondexploitatiecomplexen

Op grond van Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) dient de gemeente bij grondexploitatiecomplexen tussentijds winst te nemen conform de Percentage of Completion-methode. Het uitgangspunt van de Percentage of Completion-methode is de tot en met het huidige boekjaar gerealiseerde kosten en opbrengsten, ten opzichte van de totale kosten en opbrengsten. In Tabel 2. Winstneming. is de totale winstneming op basis van de Percentage of Completion-methode na actualisatie per grondexploitatiecomplex gespecificeerd. 

Tabel 2. Winstneming

Grondexploitatiecomplex  Eindresultaat POC-percentage Totale winstneming
Betterwird fase 1A, Dokkum € 368.353 87% € 321.586
Betterwird fase 2, Dokkum € 551.238 32% € 178.864
PDV fase 3, Dokkum € 69.545 29% € 19.958
Tusken de Fearten, Dokkum  € 380.321 21% € 78.339
De Morgenzon, Holwert € 131.570 12% € 15.879
Cedelshof fase 3, Kollumersweach - € 57.226 n.v.t. n.v.t.
Easterstrjitte-Sinnebuorren, Marrum € 10.021 70% € 7.019
De Dwarsikkers, Westergeast € 23.766 75% € 17.749
Totaal € 1.477.588   € 639.395

 

In Tabel 3. Specificatie winstneming. is de winstneming op basis van de Percentage of Completion-methode na actualisatie per boekjaar en grondexploitatiecomplex gespecificeerd.

Tabel 3 Specificatie winstneming

Grondexploitatiecomplex  Totale winstneming 2017-2021 2022 2023 2024 2025
Betterwird fase 1A, Dokkum € 321.586 € 121.833 € 92.561 € 29.748 € 59.399 € 18.046
Betterwird fase 2, Dokkum € 178.864 € 0. € 0 € 10.835 € 73.613 € 94.416
PDV fase 3, Dokkum € 19.958 € 0 € 0 € 0 € 0 € 19.958
Tusken de Fearten, Dokkum € 78.339 € 0 € 0 € 0 € 5.542 € 72.797
De Morgenzon, Holwert € 15.879 € 0 € 0 € 0 € 442 € 15.438
Cedelshof fase 3, Kollumersweach n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t.
Easterstrjitte-Sinnebuorren, Marrum € 7.019 € 0 € 0 € 0 € 1.312 € 5.707
De Dwarsikkers, Westergeast € 17.749 € 0 € 0 € 0 € 12.877 € 4.872
Totaal € 639.395 € 121.833 € 92.561 € 40.583 € 153.184 € 231.233

De totale winstneming van de grondexploitatiecomplexen tezamen bedraagt na actualisatie € 639.395. In de voorgaande boekjaren is een tussentijdse winst ten bedrage van € 408.162 genomen. Aan het einde van het boekjaar is een tussentijdse winst ten bedrage van € 231.233 genomen.

Nog te realiseren kosten en opbrengsten

Terug naar navigatie - Nog te realiseren kosten en opbrengsten

In Tabel 4. Specificatie nog te realiseren kosten en opbrengsten zijn de nog te realiseren kosten en opbrengsten per 31-12-2025 per grondexploitatiecomplex gespecificeerd. 

De boekwaarde van de grondexploitatiecomplexen betreft het saldo van de gerealiseerde kosten en de gerealiseerde opbrengsten tot en met 31-12-2025. De nog te realiseren kosten zorgen voor een verhoging van de boekwaarde en de nog te realiseren opbrengsten zorgen voor een verlaging van de boekwaarde. De boekwaarde per 31-12-2025 vermeerderd met de nog te realiseren kosten en verminderd met de nog te realiseren opbrengsten resulteert in het eindresultaat. 

Tabel 4 Specificatie nog te realiseren kosten en opbrengsten

Grondexploitatiecomplex  Boekwaarde 31-12-2025 Nog te realiseren kosten Nog te realiseren opbrengsten Eindresultaat
Betterwird fase 1A, Dokkum - € 127.788 € 201.716 € 442.280 € 368.353
Betterwird fase 2, Dokkum € 2.671.085 € 1.020.070 € 4.242.393 € 551.238
PDV fase 3, Dokkum € 670.328 € 68.554 € 808.427 € 69.545
Tusken de Fearten, Dokkum  € 338.238 € 908.353 € 1.626.912 € 380.321
De Morgenzon, Holwert € 297.183 € 361.999 € 790.752 € 131.570
Cedelshof fase 3, Kollumersweach € 129.575 € 512.878 € 585.227 - € 57.226
Easterstrjitte-Sinnebuorren, Marrum € 48.887 € 23.402 € 82.310 € 10.021
De Dwarsikkers, Westergeast - € 105.634 € 81.867 € 0 € 23.766
Totaal € 3.921.873 € 3.178.839 € 8.578.301 € 1.477.588

 

Risico's

Terug naar navigatie - Risico's

Er is geen bestemmingsreserve voor de mogelijke risico’s gevormd. Jaarlijks worden de mogelijke risico’s geïnventariseerd en gekwalificeerd. Het betreft onder andere het risico van kostenstijging en rentestijging. Tevens is het mogelijk om specifieke risico’s aan specifieke grondexploitatiecomplexen toe te kennen. Op basis van de inventarisatie en kwalificatie van de mogelijke risico’s wordt een bedrag ten laste van de algemene reserve gereserveerd. In paragraaf Weerstandsvermogen is nader ingegaan op de inventarisatie en kwalificatie van mogelijke risico’s.